ORANJEPOLDER
Den Eijkenboom
In 1769 is hier in plaats van Philip du Bois gekomen Izaak Haartsen. In 1817 zijn er gekomen Izaak Leenhouts en Maria Haartsen. De man stierf in 1845, de vrouw in 1857. Toen zijn er gekomen Jacob Leenhouts en Cornelia Risseeuw en daarna, in 1884, Nicolaas Weeda en Adriana Soeters uit Poortvliet In 1908 werden zij opgevolgd door Pieter Leenhouts Izaakszoon van Zuidzande en Suzanna Becu Izaaksdochter van Groede. In 1911 is de schuur ingewaaid en werd een nieuwe gebouwd. In 1912 is er een nieuw huis gebouwd zonder voordeur. Pieter Leenhouts en Suzanna Becu zijn in 1951 vertrokken naar Oostburg. Zij werden opgevolgd door Jacob Izaak de Hullu, geboren in 1920 te Groede die in 1949 was gehuwd met Jannetje Catharina Hoste, geboren in 1925 te Nieuwvliet. Het hof heette vanouds Den Eijkenboom,
Mariahoeve
In 1780 woonde hier Jannis Leenhouts. In dat jaar is de schuur afgebrand. In 1800 bleef de zoon Abraham Leenhouts, gehuwd met Suzanna de Roo op het hof. Zij vertrokken in 1833 naar de Dam onder Schoondijke. Op het hof bleef de zoon Jannis Leenhouts, gehuwd met Levina Leenhouts. De man is in 1859 overleden, de vrouw hertrouwde in 1861 met Jacobus du Bois, afkomstig uit Nieuwvliet. Zij vertrokken in 1870 naar de kom van Schoondijke en op de hofstede bleef de zoon Abraham Leenhouts, die toen huwde met Neeltje Cijsouw Cornelisdochter. In 1887 kwam hier van Hoofdplaat August Dossche, dle In 1894 naar Waterland-Oudeman vertrok, na de hofstede in 1892 te hebben verkocht aan een Franse eigenaar. Hij werd opgevolgd door Franciscus Buijck en Amelia Buijck, komende van Sluis-Heille. Zij vertrokken naar Sluis in 1911. Toen zijn als nieuwe eigenaren gekomen Eduardus Haverbeke en Maria Calon. Zij zijn in 1921 naar de kom van IJzendijke gaan wonen en werden opgevolgd door Jan Simonse van 's-Heer Abtskerke op Zuid-Beveland, die de hofstede heeft gekocht. Deze overleed in 1930. Zijn weduwe Jobina Uitterhoeve bleef op het hof met haar zoon Hubrecht Simonse, geboren in 1904. Deze trouwde in 1936 met Bernardina Maria Wilhelmina Meijer, geboren in 1915 te Gendringen in Gelderland, waarna de weduwe met twee dochters naar Hoofdplaat vertrok. De hofstede was intussen in 1928 verkocht aan een Amsterdamse eigenaar. De schuur werd in 1944 bij de bevrijding verwoest en later hersteld. Hubrecht Simonse en zijn vrouw bleven op het hof tot 1967. Toen trouwde hun zoon Joannes Gerardus Michel Simonse, geboren in 1941 met Celestina Maria Mathilde Michielsen, geboren in 1945 te Vogelwaarde in Oost-Zeeuws-Vlaanderen en zij nemen het bedrijf over.
Roodenhoek
Bij de Roodenhoek ligt een hoeve van die naam die voorheen bewoond werd door Leendert de Lange. In 1780 is hier in plaats van Leendert de Lange gekomen uit de Oranjepolder Biervliet (nr. 48) Willem Leenhouts. In 1817 is er gebleven zijn zoon Izaak Leenhouts, die in hetzelfde jaar gestorven is. Toen is er op gekomen Pieter Taillie, In 1840 werd deze opgevolgd door Abraham Leenhouts en Adriana Taillie. De vrouw is in 1844 gestorven, de man is hertrouwd met Janneke de Blaeij. In 1877 bleef de zoon Abraham Leenhouts, die getrouwd was met Elizabeth Leenhouts op het hof. Beiden zijn in 1911 overleden. Toen zijn op de hofstede gebleven de kinderen Abraham, Pieter, Adriana, Elizabeth en Sara Leenhouts. Pieter is later getrouwd met Johanna Verplanke Cornelisdochter en is met zijn vrouw naar de kom van Schoondijke verhuisd. In 1929 zijn ze vandaar naar Breskens vertrokken. In het najaar van 1946 is de hofstede gekocht door Augustinus Jacobus Buijsse, gehuwd met Maria Leonora Virginie Buijsse uit de Grote Jonkvrouwpolder nr. 135). Zij hebben de hoeve niet bewoond. Abraham, Adriana, Elizabeth en Sara Leenhouts zijn toen naar Groede vertrokken. Er is daarna een nieuw woonhuis gebouwd. de schuur werd gemoderniseerd en alles rondom gerooid en omgeploegd. In 1946 is op dit hof gekomen George Camille Buijsse tvan nr. 1351, geboren in 1923, die in 1951 huwde met Maria Louisa Dorothea Verschuren, geboren in 1928 te Hengstdijk in Oost-Zeeuws-Vlaanderen.
In 1778 is hier gestorven Abraham de Wolff. Zijn vrouw is in 1779 hertrouwd met Izaak Vervate. De vrouw is in 1785 gestorven. In 1794 zijn hier gekomen Abraham Verdouw en Janneke Goedhart. In 1817 is hier gekomen J. Provoost en in 1823 Levinus de Blaeij. In 1861 is er gebleven de zoon Willem de Blaeij, getrouwd met Maria Haartsen Izaaksdochter. De vrouw stierf in 1863. De man is in 1864 hertrouwd met Elizabeth Leenhouts Abrahamsdochter Deze vertrokken in 1892 naar Zuidzande (nr.16). Toen zijn er gekomen Jacobus Pieter Quaak en Johanria Christina Krijger, Deze vertrokken in 1904 naar Cadzand (nr. 35) en toen zijn hier uit Zuid-Beveland gekomen de gebroeders Willem, Jochem en Renier van de Ree. De eerste, gehuwd met Maatje Schout. is in 1905 gestorven. Jochem stierf in 1914. Renier vertrok naar de kom van Schoondijke en de weduwe van Willem, Maatje Schout, geboren in 1876, hertrouwde met Gerard Willem Bruijnzeel uit Breskens, geboren in 1873. De vrouw is in 1937 overleden. In 1935 is hier een kapitaal nieuw huis gebouwd. De man overleed in 1947 en werd opgevolgd door de zoon Willem Bruijnzeel, geboren in 1919, die in 1943 getrouwd was met Pieternella de Feijter, geboren in 1917 te Axel. De oude schuur is intussen afgebroken en omstreeks 1975 kwam er een nieuwe voor in de plaats.
Van het arbeidershuisje van Van Waes aan de Oranjedijk is door een zekere Roets een hofje gemaakt van 17 gemeten, dat hij later heeft verkocht aan Pieter Triou, gehuwd met Adriana van Meenen, Deze zijn er in 1926 opgekomen. Sinds 1945 wordt het bewoond door de dochter Anna Triou, geboren in 1917, die in 1945 huwde met Anthonie Pladdet, geboren in 1916 en afkomstig van Biervliet.
Omstreeks 1870 woonden op dit hofsteedje Willem Almekinders en Maria Bron. Op 19 februari 1882 is de schuur afgebrand en in hetzelfde jaar is Almekinders naar Noord-Amerika vertrokken. Toen is hier gekomen Willem Bliek, gehuwd met Aaltje Naetje. Nadat Willem Bliek was gestorven is de weduwe in 1911 met haar schoonzoon Benjamin van de Ree en dochter Elizabeth Bliek naar Schoondijke vertrokken. Het hofsteedje is toen verkocht aan Carotus van Hijfte uit IJzendijke. August Goossens, gehuwd met Leonie Dierikx, werd pachter In 1920 is deze naar IJzendijke vertrokken (nr. 132). Het hofsteedje is later verkocht aan Jan Scheele, en is met enige landerijen van hofstede nr. 7 uitgebreid. Toen zijn er gekomen Dirk Scheele Janszoon en Elizabeth Cijsouw Abrahamsdochter van Groede. In 1938 is hier een nieuw huis gebouwd. De man is overleden in 1963. Gebleven is de ongehuwde zoon Jan Scheele. Deze heeft de boerderij eraan gegeven. Het land ging naar de familie, de schuur werd afgebroken en het huis werd voor particulieren bestemd. Hijzelf vertrok naar Oostburg waar hij in 1974 overleed.
In 1782 is hier in plaats van Abraham Zonnevylle gekomen Adriaan Gijzels. In 1798 is gebleven diens zoon Cornelis Gijzels, gehuwd met Elizabeth de Priester. De man is in 1803 gestorven, de vrouw is hertrouwd met Johannes Vervate. In 1826 zijn hier gekomen Karel Calon en Sophia Wijffels. Deze vertrokken in 1856 naar de kom van IJzendijke. Toen is er gebleven de zoon Elias August Calon. In 1888 zijn uit Axel gekomen Jan Scheele en Catharina Dekker. Deze zijn in 1920 naar Schoondijke vertrokken, Daarna bleef er de zoon Jacobus Scheele, geboren in 1891, getrouwd met Neeltje Cijsouw Abrahamsdochter uit Groede, geboren in 1897. In 1944 is de schuur afgebrand door oorlogsgeweld. In 1957 is de zoon Dirk Cornelis Scheele op het hof gekomen. Hij was in 1953 getrouwd met Helena Janna Quaak, geboren in 1931, afkomstig van hof nr. 8. In het woonhuis zaten in de noordgevel jaarankers met het jaartal 1784, mogelijk het jaartal van verbouwing of vergroting. Er waren prachtige tegels in drie kamers met mooie tableaus, onder andere van de zeeslag bij Doggersbank in 1781 tijdens de Vierde Engelse Oorlog. Twee ervan zijn in 1966 door de eigenaren verwijderd toen het huis werd afgebroken en door een nieuw vervangen.
In 1795 is op deze hofstede naast het Plankepoortje Pieter Leenhouts gestorven en in 1800 zijn hier gekomen Jannis Leenhouts en Maria Risseeuw. Tussen 5 en 6 maart van dat jaar is de schuur afgebrand, waarhij al het vee is omgekomen. In 1801 is een schuur van onder Groede naar hier overgebracht. In 1836 is hier gebleven de zoon Abraham Leenhouts. die gehuwd was met Anthonette Risseeuw. De vrouw is in 1853 gestorven. de man in 1864. Toen is de hofstede onder de erven verdeeld en is hier gebleven met ongeveer de helft der landerijen de zoon Jannis Leenhouts, gehuwd met Maria Almekinders. De man is in 1868 gestorven. de vrouw is hertrouwd met Izaak Lucieer, die in 1902 stierf. In 1919 is de weduwe naar de kom van Schoondijke vertrokken. Toen is de hofstede verpacht aan Cornelis van Gilst, getrouwd met Johanna Lucieer Izaaksdochter. Nadat in 1931 Van Gilst en zijn vrouw naar Colijnsplaat waren vertrokken zijn op de hofstede komen wonen Adriaan Quaak, geboren in 1906, in 1931 gehuwd met Janna Dees, geboren in 1908 te Slijkplaat. Het huis is volgens de jaarankers in de voorgevel het oudste in de Oranjepolder. Het dateert namelijk uit 1644. Ook hier is de betegeling in de loop der jaren verwijderd. Er zijn slechts enkele fragmenten bewaard gebleven. Op het hof staat nog een vaste ark. Dit is een hooiberging buiten in de open lucht. Boven de hooimijt is een vast dak geplaatst De 17de eeuwse bouwstijl van het woonhuis is hier nog duidelijk te zien aan het dak van ongelijke lengte. Onder het langste deel bevindt zich aan de ene kant van de gang het achterhuis woonkamer en aan de andere kant de kelder met daarop de voute. van buitenaf te zien aan de ongelijke hoogte van de ramen. Dit buis hoort nog tot de soort laagbouw uit die tijd en was daardoor beter beschermd tegen stormen. De metselspecie was in die dagen nog niet zo best.
Scherpenheuvel
In 1776 kwam hier in plaats van Adriaan Kolpaart, Abraham Vervate. In 1809 zijn van het hof Baarzande onder Groede gekomen Jacob Leenhouts en Suzanna Vervate. De man is gestorven in 1811, de vrouw is in 1813 hertrouwd met Pieter Vergouwe. In 1817 zijn hier gekomen Hendrik Cijsouw en Johanna Almekinders. De man is in 1824 gestorven, de vrouw is in 1827 hertrouwd met Jannis Andriesen, weduwnaar van Johanna Luteijn. Andriesen was molenaar te Nieuwvliet en is in 1830 gestorven. In 1847 is op de hofstede gebleven Cornelis Willem Cijsouw, getrouwd met Neeltje Basting Deze zijn in 1881 naar de Catshoeve onder Groede vertrokken en toen zijn er gekomen Jannis Dhont Pieterszoon, geboren in 1856 en Tannetje Elizabeth Cijsouw Cornelisdochter, geboren in 1855. In l921 zijn deze naar de kom van Schoondijke vertrokken en opgevolgd door hun zoon Pieter Cornelis Dhont, geboren in 1877, in 1921 gehuwd met Jozina Maria Risseeuw Johannesdochter, geboren in 1898. In 1944 is hier de hangaar afgebrand door oorlogsgeweld. Sinds 1957 zijn de beide ongehuwde zoons Jannes Johannes Dhont, geboren in 1923 en Johannes Jannes Dhont, geboren in 1929, de bedrijfleiders van de hoeve. Nadat hun moeder in 1976 was overleden wonen zij er met hun vader In 1977 is de oude schuur die uit de l7de eeuw dateerde afgebroken en vervangen door een nieuwe moderne schuur met veel plaatsruimte voor landbouw machines. Het huis stamt uit de l7de eeuw, wat te zien is aan de ongelijk daklengte aan de voor- en achterkant. Achteraan is links van de gang de woonkamer (achterhuis). Dat is uitwendig te zien aan de schoorsteen voor de plattebuiskachel in dat achterhuis. Aan de andere zijde van de gang is de kelder met er bovenop de voute of opkamer, Op deze hoeve werd in 1961 de film Jaontje opgenomen, met name de wafelscene met Sinte Merten.
In 1793 is hier overleden Pieter van de Veere. In zijn plaats is gekomen Johannis Risseeuw, gehuwd met Maria de Loo. De vrouw is in 1794 gestorven de man is in 1795 hertrouwd met Martina de Regt, In 1848 is hier gebleven de zoon Izaak Risseeuw, gehuwd met Elizabeth Almekinders. Deze zijn in 1871 naar de kom van Schoondijke vertrokken. Toen is er gebleven de zoon Johannis Risseeuw, getrouwd met Martina van Male. De vrouw is in 1887 gestorven de man is in 1888 hertrouwd met Elizabeth Almekinders Jacobsdochter. Deze zijn In 1918 naar Schoondijke vertrokken. Hun zoon Cornelis Marinus Risseeuw, geboren in 1892. is toen op het hof gebleven en in 1920 getrouwd met Janneke Pieternella Cornelis, geboren in 1894. Deze zijn in 1957 vertrokken. Gebleven is de zoon Machiel Cornelis Risseeuw, geboren in 1926. in 1957 gehuwd met Maria Adriana de Regt, geboren in 1936 te Biervliet. De heel oude schuur werd intussen afgebroken en er is een nieuwe voor in de plaats gekomen.
Dit voorheen kleine boerderijtje is gebouwd omtrent 1900 Het huis schijnt ouder dan de schuur en werd bewoond door Jan Kouwenberg, geboren in 1889. in 1914 gehuwd met Janna de Blaeij, geboren in 1894 in Oost-ZeeuwsVlaanderen. Vrij spoedig heeft deze het boerderijtje verkocht aan een familielid Cornelis Engels, geboren omtrent 1870 die gehuwd was met Maria de Reu. Na hen kwam de zoon Abraham Engels, geboren in 1908 op het hofje, Hij bleef vrijgezel en verhuisde in 1978 naar Breskens. Het hof werd verkocht aan Jacobus den Hamer die het huis weer verkocht en de schuur nu gebruikt voor landbouwdoeleinden. Hijzelf bleef in de kom van IJzendijke wonen.
Aan de Krommeweg staat een hofsteedje waarop omstreeks 1840 Klaas Bron en familie woonden. Hij werd opgevolgd door Johannes Almekinders, die getrouwd was met de dochter van Rachel Bron. Deze zijn opgevolgd door Pieter Riemens en Sara Anthonetta Leenhouts en deze weer door Willem van den Broeke en Anna Bresto, die in 1930 naar Groede zijn vertrokken. Toen is er een zekere Allaart opgekomen, die in 1931 al weer vertrok. In 1931 zijn van Schoondijke gekomen Marinus Luteijn, geboren in 1895, in 1931 gehuwd met Maria Koster, geboren in 1898 te Zaamslag. Zij zijn vertrokken in 1964 en toen zijn er gekomen uit Zaamslag Willem Dekker, geboren in 1941. in 1963 gehuwd met suzanna Catharina de Putter, geboren in 1941. Na de oorlog is er een nieuwe schuur gebouwd.
In 1784 is hier gestorven Jannis van de Vijver, Zijn vrouw Elizabeth Almekinders hertrouwde in 1785 met Simon van de Vijver. De man is in 1807 gestorven. De weduwe hertrouwde weer in 1811 met Hubrecht de Smidt en is met hem naar Groede vertrokken. De hofstede werd daarna bekasteleind tot 1815. Toen is ze verpacht aan Willem Almekinders van Sint Kruis en Tanneke van de Vijver. In 1841 is hier gebleven de zoon Marinus Almekinders, getrouwd met Sara Leenhouts. De man is gestorven, de vrouw is gebleven tot 1879. Toen kwamen Willem de Jonge en Elizabeth Versprille, die in 1882 naar Noord-Amerika vertrokken en opgevolgd werden door Jacob van Dixhoorn en Janna Cornellissen. De man stierf in 1884 en de weduwe is toen vertrokken. In haar plaats kwam een andere weduwe van Dixhoorn, Magdalena Donze. Deze vertrok in 1890 Daarna kwamen er Adriaan Quaak en Jacomina Zuijdweg uit Poortvliet op Tholen. die in 1898 de hofstede hebben gekocht, In 1906 zijn ze vertrokken naar de kom van Schoondijke en bleef er de zoon Martinus Johannes Quaak geboren in 1879 te Poortvliet, getrouwd met Janna Scheele Jansdochter, geboren in 1884 te Hoek.
In 1944 is de schuur door oorlogsgeweld afgebrand. Rond 1950 is een nieuwe schuur gebouwd, De ouders zijn in 1952 naar Schoondijke vertrokken en opgevolgd door hun beide zoons Cornelis Martinus Quaak geboren in 1919 en in 1953 gehuwd met Ida Berendina Karreman, geboren in 1929 te Apeldoorn en Martinus Quaak, gehuwd met Adriana van de Slikke uit Schoondijke, die op het hof bleef wonen. Voor de eerste zoon werd in 1954 een huis gebouwd in de nabijheid van de Krommeweg. Martinus is in 1956 overleden, waarna Cornelis op het hof is gekomen, doch de samenwerking met de weduwe werd voortgezet nadat ze van woning verwisseld hadden.
In 1975 is Adriana van de Slikke hertrouwd met Adriaan Lako, geboren in 1924 te Sluis, die op een hoeve onder Cadzand (nr. 15) woonde en wiens vrouw Anna Maria de Hullu in 1974 was overleden. De vrouw is toen naar Cadzand vertrokken.
Oranjehoeve
Op deze hofstede is in 1786 in plaats van Abraham de Gardeijn gekomen Abraham van de Veere. Deze werd in 1792 opgevolgd door Izaak Rosseel, die de hofstede. groot 93 gemet 150 roeden. gekocht heeft voor in totaal <1>f 1>19.563,-. Rosseel was aflomstig uit de Isabellapolder onder Aardenburg, waar hij in 1759 geboren was als zoon van Jacobus Rosseel en Catharina de Bakker, Hij deed op 18 mei 1793 in Aardenburg ondertrouw met Janna Leenders van Noorden, dochter van Pieter Leenders van Noorden en Janneke van de Luijster Izaak Rosseel is in Aardenburg overleden op 8 februaii 1832 en zijn vrouw aldaar op 24 april 1832. In 1793 is er een nieuwe schuur gebouwd, In 1822 is hier gekomen Jan Sturm, die in 1855 naar nr 15 vertrok. Toen is erop gebleven de zoon Charles Sturm. getrouwd met Sophia Wijffels.
In 1887 is hier uit België gekomen Alexander Coppenolle en in 1890 uit Tholen Pieter van Luijck getrouwd met Catharina Diest, De man stierf in 1902. In 1911 hield de weduwe meikoopdag. Zij is opgevolgd door haar zoon Anthonie van Luijck, getrouwd met Elizabeth Nieuwenhuizen. Deze vertrokken in 1927 naar Oostburg en toen kwam op de hofstede Eugene Carolus Dellaert, geboren in 1902, in 1927 getrouwd met Gerarda Maria Carolina van de Vijver, geboren in 1903 te Sluis, weduwe van Achiel van Hijfte uit IJzendijke die in 1925 was overleden, In 1929 is de schuur, die in 1793 gebouwd was, afgebrand. Veel vee is daarbij omgekomen.
In 1931 is er een nieuw huis gebouwd. De man is in 1952 overleden, nadat hij in 1950 vertrokken was naar IJzendijke. Toen is Aloysius Carolus Marie Dellaert, geboren in 1928 op het hof gebleven, Hij trouwde in 1955 met Cecile Euphrasia Emma Leontina Buijck, geboren in 1934 te Sint Kruis.
Hier is in 1786 in de plaats van Janneke van de Luijster, weduwe van Pieter Leenders van Noorden, gekomen Jannis Leenders van Noorden, gehuwd met Marie Leenhouts. In 1810 werden deze opgevolgd door François Gijzels en Martha Cornelia Bonte. De man is in 1817 gestorven. Toen zijn er gekomen Jacobus Bernardus Temmerman en Christina Wijffels. De man is in 1827 gestorven. De vrouw hertrouwde met Jan de Vroeg, die overleed in 1848. Christina Wijffels overleed in 1859. In 1860 bleef er de zoon Frariciscus Temmerman, getrouwd met Rosalia de Jaeger, die in 1901 weer werd opgevolgd door de zoon Camille Marie Joseph Ternmerman, geboren in 1874 en getrouwd met Marie Louise Haverbeke, geboren in 1879. In 1920 heeft deze de hofstede gekocht en er weer een gedeelte van verkocht. In 1938 Is de schuur tijdens een onweer door de bliksem getroffen en afgebrand. De ouders vertrokken in 1940 naar de kom van IJzendijke. Toen is gebleven de zoon Charles Marie Camile Temmerman, geboren in 1906, in 1941 getrouwd met Maria Amelia Nathalie Buijsse, geboren in 1910 te Aardenburg, Zij bleven er tot 1975 en werden opgevolgd door de zoon Franciscus Camile Marie Temmerman, geboren in 1946 en in 1974 gehuwd met Maria Anna Jacqueline van Swaal, geboren in 1951 te Hulst.
Bij de gebouwen is nog een aardappelkuil aanwezig. Dit is een kelder waarop een dikke grondlaag is aangebracht waar gras op groeit. Een deur geeft toegang tot de kuil, Deze aardappelkuilen dienden als winterreservoir. Ze verdwijnen hoe langer hoe meer. Als merkwaardigheid kan hier vermeld worden dat de familie Temmerman sinds 1817, dus meer dan 160 jaar, deze hoeve van vader op zoon heeft bewoond.
In 1799 is hier in plaats van Jacob de Gardeijn gekomen Franciscus Fuiting. In 1805 is er gekomen Jan Boerjan Izaakszoon, in 1814 Franciscus Verdiek. in 1838 Pieter Jansen en in 1854 Franciscus Josephus Calon, getrouwd met Felicita Bonte. Deze zijn in 1876 naar de Mauritspolder (nr. 44) vertrokken. Daarna kwamen hier van Hoofdplaat Carolus Haverbeke en Maria Louise Sturm, die in 1904 werden opgevolgd door hun zoon Emiel Haverbeke, geboren in 1877, gehuwd met Emma Maria de Milliano, geboren in 1876.
Op 22 augustus 1933 brandde de schuur af tengevolge van het onweer en nog in hetzelfde jaar werd een nieuwe schuur gebouwd. Nadat de ouders in 1935 vertrokken waren naar IJzendijke bleef hun zoon Philibert Petrus Haverbeke, geboren in 1907, in 1935 getrouwd met Alma Maria Sturm uit Waterlandkerkje, geboren in 1912, op het hof. De vrouw overleed in 1944. De man hertrouwde in 1947 met Clara Louisa Aernoudts, geboren te Sluis in 1918. In 1944 is de schuur ten gevolge van oorlogsgeweld afgebrand en in 1950 herbouwd. Zij bleven tot 1977 toen de zoon Franciscus Marie Haverbeke geboren in 1949, huwde met Paulina Petronella Johanna Peters, geboren in 1948 te Oploo in oostelijk Noord-Brabant en het bedrijf overnam. Het huis van deze boerderij is heel oud en waarschijnlijk rond 1700 gebouwd.
In 1816 is hier een hofstede gebouwd door Jacobus Faro (van nr 19) en is erop gekomen zijn zoon Jacobus, die getrouwd was met Wilhelmina van de Vijver. In 1841 kwamen hier Abraham Risseeuw en Jozina Kotvis In 1855 is de hofstede verkocht aan Jan Sturm (van nr. 14) die er kwam wonen. In 1864 wer hij opgevolgd door zijn zoon Hendricus Franciscus Sturm. In 1875 zijn hier gekomen Angelus Dierikx en Sophia de Wispelaere, in 1882 Edumondus van Damme en Maria Mabesoone en in 1886 zijn van Sint-Maartensdijk gekomen Cornelis Quist en Maria Christina Geluk. Na hun vertrek in 1908 is er gebleve de zoon Abraham Quist, geboren in 1869. gehuwd met Anthonetta Marie Leenhouts, geboren in 1872.
In 1940 werden ze opgevolgd door hun zoon Cornelis Marinus Quist, geboren in 1913, die in 1941 met Dingetje Dieleman huwde, geboren in 1906, afkomstig van Biervliet. In 1944 zijn de schuur en hangaar afgebrand door oorlogsgeweld en omstreeks 1950 herbouwd. Tot 1955 zijn de ouders nog op het hof blijven wonen en toen naar Schoondijke vertrokken.
Op dit hofsteedje woonde omstreeks 1850 een zekere Mahieu en daarna een zekere Vermeulen. Daarna woonde er Gideon Dreve. gehuwd met Janneke Babijn. In 1940 werden zij opgevolgd door de zoon Charles Gideon Machiel Dreve, geboren in 1906, die in 1930 getrouwd was met Cornelia Donze, geboren in 1906 te Terneuzen. Vervolgens kwam hier in 1959 hun zoon Cornelis Dreve geboren in 1934, in 1959 gehuwd met Jerina Janna van Cadsand, geboren in 1936. Het bedrijfje is erg klein, reden waarom de bewoner er een baan buitenshuis heeft bijgenomen.
In 1776 woonde hier Izaak van Houte die in dat jaar getrouwd was met de weduwe van Jacob Tack. De vrouw is in 1781 gestorven, waarna de man hertrouwd met Magdalena Wagenmaker. Hij overleed in 1784 en de vrouw hertrouwde in 1785 met Jacobus Faro, de bekende landbouwerdichter. De vrouw is in 1799 overleden en Faro is nog hetzelfde jaar hertrouwd met Maria Haartsen. Zij zijn in 1832 verhuisd naar de kom van Schoondijke. Op het hof bleef de dochter Sara Elizabeth Faro, gehuwd met Jannis Poissonnier. De vrouw overleed in 1862. In 1868 is de schuur afgebrand. Het huis bleef behouden door de reusachtige kastanjeboom tussen de schuur en het huis In 1869 is er een nieuwe schuur gezet. In 1874 zijn op deze hofstede gekomen Jannis Jacobus Poissonnier en Suzanna Jacoba Dhont. In 1881 zijn zij naar Noord Amerika geëmigreerd. Toen zijn hier gekomen Willem Jannis Leenhouts en Sara Jacoba Dhont. De man overleed in 1894 en de vrouw hertrouwde in 1895 met Abraham Leenhouts. Deze zijn in 1917 naar Retranchement (nr. 8) vertrokken met al hun beestiaal. Hun opvolgers waren Marinus van Gorsel en Janna Dieleman, die in 1924 vertrokken zijn naar de kom van Oostburg. Toen kwamen hier Pieter de Dreu en Catharina Meulenberg. Deze zijn in 1933 met al hun beestiaal vertrokken naar Driewegen op Zuid-Beveland en later naar Kats.
Toen zijn hier gekomen Jacobus den Hamer, geboren in 1901 te Axel en Jacomina Dekker, geboren in 1901 te Hoek. De schuur, die in 1912 na een brand was herbouwd, is in 1944 door oorlogsgeweld vernield evenals de eeuwenoude kastanjeboom. Ook het huis werd toen zwaar beschadigd. De man is in 1953 overleden. Sinds 1962 wordt het hof bewoond door de dochter Adriana Levina den Hamer, geboren in 1939. in 1962 getrouwd met Ir Jan Cornelis Pieter Quist, geboren in 1938, die zijn titel behaalde in Wageningen.
Reigershoeve
Deze hofstede die vroeger Reigerbosch heette dankt haar naam aan een reigerkolonie die er vroeger was. De Zeeuwsch Volksalmanak van 1840 maakt daar op bladzijde 40 onder meer gewag van. Eertijds was het een buitenplaats van mr. Van Hecke, een telg uit een Vlissingse regentenfamilie. Het oude huis werd gebouwd in 1643. In plaats van Pieter Elias is hierin 1771 gekomen Charles Frelier. Deze is overleden in 1794. De weduwe is hertrouwd met Samuel de Kok. In 1802 is hier gekomen Christiaan Jansen. Deze stierf in 1838 en is opgevolgd door de zoon Jacobus Jansen. Hij overleed in 1854. In 1856 zijn er gekomen Charles Boerjan en Ludovica Calon. die in 1861 werden opgevolgd door Johannes Vercraeye en in 1863 door Jacobus Bernardus Quataert. In 1871 is het hof niet bezaaid geweest. Uit het Land van Axel kwamen in 1872 Servaas Verbrugge en Pieternella Dekker. In 1883 was Christiaan Hamelink zetboer en in 1884 Cornelis Herrebout, gehuwd met Maria van Pienbroek. Het Herreboutswegje kreeg toen zijn naam. Pachter was daarna een zeker de Bruijne van Zaamslag.
Nadien is de hofstede gebruikt door de eigenaar Moretus, een lid van een bekende Antwerpse familie. In 1905 werd het hof verpacht aan Camiel Bernard Doens, geboren in 1876, gehuwd met Leonie Marie Haverbeke, geboren in 1873, dochter van Charles Haverbeke. In 1912 is de grote schuur afgebrand en in 1934 is het thans nog bestaande huis gebouwd. De vrouw is in 1935 door een ongeval om het leven gekomen. De man is in 1937 naar de kom van IJzendijke vertrokken en opgevolgd door Leopold Cammaert, geboren in 1907, gehuwd met de dochter Marie Doens. Deze zijn in 1940 vertrokken en toen is op het hof gekomen de zoon van Camiel Doens. Gerardus Victor Marie Doens, geboren in 1914. die in 1941 trouwde met Irene Marie Buijsse, geboren in 1922.
In 1944 is bij de bevrijding een van de drie schuren afgebrand. Er is weer een nieuwe gebouwd in 1954. In 1973 trouwde de zoon Roger George Marie Doens, geboren in 1945. met Hilda Helena Theresia Gielleit, geboren in 1950 te Biervliet en volgde zijn ouders op de boerderij op.
Bij een ouder woonhuis werd hier in 1869 een hofstede gesticht door Pieter Casteleijn die er is gaan wonen met zijn vrouw Suzanna Cornelis. Zij hebben het hof in 1886 verkocht aan Carolus van Hijfte en Adelaide Sophia de Jaeger. die zich erop hebben gevestigd in 1888, komende uit de Mauritspolder (nr. 43). Zij zijn in 1894 naar de kom van IJzendijke verhuisd. Op het hof kwamen toen Désire Goossens en Rosalie Raes. De man is in 1908 overleden. De vrouw is gebleven tot 1911. Toen zijn op het hof gekomen Camiel Goosseris en Leonie Mullaert. Zij zijn in 1929 verhuisd naar een nieuw hofsteedje, door hen gesticht aan de Schoondijkse kant van de Statendijk, daarniet ver vandaan. Zij werden opgevolgd door Prudent Joseph François van Hijfte, geboren in 1897. die in 1920 gehuwd was met Maria Valentina Bertha Govaert uit Groede, geboren in 1902. Zij hebben er een nieuwe moderne schuur gebouwd. In 1952 zijn zij naar het genoemde hof aan de Statendijk onder Schoondijke gegaan en toen is op het hof gekomen de zoon Arnold Joseph Emiel van Hijfte, geboren in 1922, in 1952 gehuwd met Agnes Martha de Nijs, geboren in 1925 te Hontenisse. In 1964 zijn deze verhuisd naar een boerderij onder Hoofdplaat (nr. 11). De hofstede is toen een tijdje onbewoond geweest. In 1968 is het huis afgebroken en daarvoor in de plaats een bungalow gebouwd, waarin toen is gaan wonen, komende van het hof aan de Statendijk onder Schoondijke de broer Johannes Nicolaas van Hijfte, geboren in 1933, die in 1958 gehuwd was met Georgette Emma Vervaet, geboren in 1935 te Biervliet.
Dit hofsteedje is gesticht in 1660. In 1860 woonde hier de familie Faro tot l863. Toen is er Jannis Haartsen gekomen, die getrouwd was met Sara de Muijnk. De man is in 1888 gestorven. In 1906 heeft de weduwe het hof verkocht aan Jacobus van Hijfte, gehuwd met Emelie Sutijn, die in 1937 naar de kom van IJzendijke vertrokken. Toen zijn er gekomen Achiel Emiel de Milliano, geboren in 1905, in 1937 gehuwd met Augusta Maria van de Vijver uit de Clarapolder (nr 108) geboren in 1904. De man. die daarnaast een functie had bij een landbouworganisatie, is overleden in 1950. De weduwe bleef hier wonen tot in 1961 toen zij naar Oostburg vertrok en de boerderij werd overgenomen door Reginald Adolf Emiel Marie Thomaes, geboren in 1935 te Hoofdplaat, in 1961 gehuwd met Marie Alma de Waal, geboren in 1941 te Axel. Naast de landbouw is nu ook de fruitteelt op dit hof ter hand genomen.
In 1911 zijn van hofstede nr 24 heel wat landerijen afgegaan. Daarop heeft Samuel de Klerk zich een nieuw huis gebouwd en een oude schuur van De Ponte naar hier gehaald. Later zijn hier gekomen Karel Hamelink en Pieternella Dobbelaar, die het hof in de steek hebben gelaten en naar het Land van Axel zijn vertrokken. Toen is er gekomen uit Walcheren Abraham Heule, die gehuwd was met Suzanna de Groote uit Sommelsdijk. De man is overleden in 1950, de vrouw in 1959. Tot 1960 heeft Ime Corijn er gewoond. Toen kwam er Cornelis de Koeijer, geboren in 1934, in 1960 gehuwd met Elizabeth Dekker uit Terneuzen, geboren in 1937. Zij woonden hier tot 1967 en vertrokken toen naar een hof onder Schoondijke. Sindsdien staat het boerderijtje leeg.
In 1765 is hier in plaats van Hendrik van Cruijningen gekomen Jannis Poissonnier. In 1793 kwamen hier Jannis Poissonnier Jacobszoon en Maria Becu. De man is in 1827 gestorven en toen zijn er gekomen Abraham Schippers en Sara Poissonnier. De vrouw is gestorven en de man is in 1838 hertrouwd met Sara Robina Provoost. Deze laatste stierf in l869. Gebleven is toen de zoon Abraham Schippers, getrouwd met Johanna Frelier van Zuidzande. Deze zijn in 1877 naar de kom van Waterlandkerkje vertrokken en in hun plaats zijn er toen gekomen zijn broer Izaak Schippers en Maria Casteleijn. In 1885 zijn uit Tholen gekomen Willem van Nieuwenhuize en Dingetje Stok, De man is in 1887 gestorven, de vrouw in 1899. In 1900 vestigde zich hier Jacob de Jonge van hoeve De Roskam (nr. 91). Deze werd opgevolgd door zijn zoon Adriaan de Jonge. In 1911 zijn hier gekomen Adriaan Koster, geboren in 1873 en Ebrina van Tatenhove, geboren in 1874, die het hof hebben gekocht. Zij vertrokken in 1938 naar Breskens en zijn opgevolgd door hun zoon Levinus Koster, geboren in 1902, in 1938 gehuwd met Jozina Risseeuw, geboren in 1907, zijn buurmeisje van het Heultje. Zij exploiteerden de boerderij samen met de leraar Jozias Koster, geboren in 1911 en overleden in 1976, die ongehuwd was en bij hen inwoonde.
Zowel het huis als de schuur dateren uit de 18de eeuw. De ankers in het huis wijzen het jaartal 1716 aan. Het is typische laagbouw, zowel het huis als de schuur, met de indeling zoals toen gebruikelijk was. Het dak van het buis is aan de voor- en achterkant niet even lang. Aan de achterzijde is aan de ene kant van de gang het woonvertrek, het achterhuis genoemd, met de schoorsteen erop voor de plattebuiskachel en aan de andere zijde de kelder met daarboven de voute. Aan de buitenkant is dit te zien aan een klein laag kelderraam en een vouteraam dat hoger zit dan de andere kamerramen. Hetzelfde type vindt men bij de nrs. 8 en 9. De grote schuur is ook laag gebouwd om bestand te zijn tegen de stormen. De tasruimte is middenin en de stallen zijn opzij van de schuur. Aan de kop van de schuur is de paardenstal. Een model als deze schuur vindt men in onze streek bijna niet meer en dergelijke schuren worden ook niet meer gebouwd. De machines eisen vandaag de dag meer plaatsruimte en die is in deze soort schuren niet aanwezig.
GOUDENPOLDER
Omtrent 1908 stond hier een boerderij waarvan het huis werd verbouwd door Jacobus Kramer. die omtrent 1900 was gehuwd met Johanna Casteleijn. Ze bleven hier tot 1945. Toen kwamen in hun plaats Jan Heijnsdijk, geboren in 1916, in 1945 gehuwd met Elizabeth Dekker, geboren in 1923 te Schoondijke. In 1968 is naast de schuur een loods voor oogstdoeleinden neergezet.
Deze hofstede werd sinds 1855 bewoond door Abraham Baardemaker en Maria de Badts. De man is in 1882 overleden, waarna de vrouw in 1884 naar de kom van IJzendijke vertrok. Dan zijn er gekomen Christiaan Hamelink, gehuwd met Neeltje Scheele. Ze zijn in 1942 vertrokken naar Oostburg. Op het hof is gebleven de dochter Catharina Hamelink geboren in 1920. in 1942 gehuwd met Frans Tazelaar, geboren in 1918 te Colijnsplaat. In 1955/1956 is een nieuw huis gebouwd en in 1966 een nieuwe schuur. De man is in december 1968 overleden. De vrouw ging toen van de boerderij af en haar zoon Hendrik Tazelaar, die in 1968 gehuwd was met Rietje Bakker, geboren in 1950 te Breskens. nam haar plaats in. Toen is een moderne melkstal neergezet. die echter niet volledig tot zijn recht is gekomen.
In 1783 is hier in plaats van Jacob Verschuure gekomen Pieter Mullie, in 1784 Boudewijn de Die en Anna Dhont, in 1819 de zoon Boudewijn de Die en Jacoba Geelhoed. De man is in 1824 gestorven, de vrouw hertrouwde in 1825 met Izaak Lucieer. In 1834 zijn hier gekomen Jannis van de Vijver en Elizabeth Pattist. De man stierf in 1848. In 1849 vestigde zich hier Charles Louis van Hijfte. Deze is viermaal getrouwd geweest. Hij werd in 1904 opgevolgd door Petrus Ongenae geboren te Koewacht in 1866, die getrouwd was met Marie Leonie van de Want, geboren in 1867 te Sint-Jansteen.
Na hen kwamen in 1934 op de boerderij Joseph Ongenae, geboren in 1897 te Zuiddorpe, in 1934 gehuwd met Maria Alphonsina Maenhout, geboren in 1907. In 1962 vertrokken deze naar de kom van IJzendijke en in hun plaats kwam de zoon Antoine Petrus Ongenae, geboren in 1937, in 1962 gehuwd met Francine Valentine Marie de Zutter, geboren te Watervliet in 1941. In 1976 brandde de schuur af. Ze werd in 1977 herbouwd.
In 1860 woonde hier Jannis Vermeulen, getrouwd met Levina Bruinooge, weduwe Adriaansen. In 1896 is hier gekomen Henricus van den Hauwe, getrouwd met Louisa Meulebroek. De man is in 1904 overleden en de vrouw is in 1905 vertrokken naar de Mauritspolder nr. 44. Toen zijn er gekomen Charles Wijffels en Emma Onderdonck. In 1923 zijn deze vertrokken en opgevolgd door Charles Jannis Verheije, geboren in 1897 en getrouwd met Emma Maria Verstringe, geboren in 1896. Zij stichtten er een vlasbedrijf. Nu woont er sinds 1954 Lucien Verheije, geboren in 1925, in 1954 getrouwd met Marie Louise Celestine Onderdonck, geboren te Sluis-Heille in 1931, voor wie een nieuw huis is gebouwd met de naam Meo Voto.
In 1846 woonde hier Johannes Risseeuw. Nadat zijn vrouw, een dochter de Regt in 1850 was overleden is hij hertrouwd met Maria Suzanna de Smit. De man is in 1859 overleden en de vrouw is hertrouwd met Pieter Jeras, wagenmaker te Waterlandkerkje. Toen is hier gekomen de weduwe van Michiel Bruijnooge uit Klein-Brabant. In 1884 vestigde zich hier Simon Leenhouts, gehuwd met Maria Risseeuw. In 1918 zijn op deze hofstede gekomen Jacobus Verplanke en Sara Vermeulen. De vrouw is in 1950 overleden. De dochter Sara Suzanna Verplanke, geboren in 1895, huwde met Jannis Jozias Lucieer, geboren in 1893 en bleef op het bedrijf. De man overleed in 1949 en daarna is de vrouw vertrokken. De gebouwen werden verkocht aan de familie A. Sanderse te Oostburg en worden niet meer voor agrarische doeleinden gebruikt.
Jaspert Dieleman, geboren in 1924 te Axel en Pieternella Dekker, geboren in 1926, gehuwd in 1951, hebben hier een hofsteedje gebouwd, speciaal bedoeld ten behoeve van de varkensmesterij. De moderne staluitbreiding vindt nog steeds plaats. De mechanisatie heeft er vanaf 1965 een voorname plaats ingenomen.
MAURITSPOLDER
Op een kavel land afkomstig uit het hof van Emile van Hijfte (nr. 43) werd een bedrijfje gesticht waarop in 1919 is komen wonen Hermanus Haak, geboren in 1892 te Zaamslag. In 1919 gehuwd met Margaretha Scheele, geboren in 1891 te Zaamslag. Ze verhuisden in 1966. De ongetrouwde zoon Jacobus Haak, geboren in 1922 bleef op het hof.
Dit hofsteedje werd vroeger bewoond door Izaak Cornelis, wiens dochter Maria in het jaar 1880 op een gruwelijke wijze werd vermoord. De vermoedelijke dader is naar Noord-Amerika gevlucht. In 1883 is op dit plekje gebleven Machiel Cornelis, getrouwd met Pieternella van der Hooft. De man is in 1902 door de bliksem gedood. Daarna is er in 1902 gekomen Jan Mullaert, getrouwd met Marie Patijn. Deze zijn er gebleven tot 1930. Hun opvolger werd Arie Quist van Schoondijke, getrouwd met Dingena van der Slikke, eveneens afkomstig van Schoondijke. Deze zijn in 1950 vertrokken naar de Sloepolder en opgevolgd door Johannes Machiel Risseeuw, geboren in 1921, in 1950 gehuwd met Johanna Maria Basting, geboren in 1925, afkomstig van Groede Deze zijn in 1967 vertrokken naar de hofstede van Basting onder Groede. Nadien is erop gekomen Frans Marinus Tazelaar, geboren in 1945, afkomstig uit de Goudenpolder (nr. 26), die in 1967 huwde met Barbara Neeltje Goossen, geboren in 1944. Zij beboerden het land niet; dit werd nog steeds gebruikt door Johannes Machiel Risseeuw, die dit vanuit Groede deed. Tazelaar vertrok reeds na twee jaar. Nadien werd het huis nog bewoond door een particulier. Als boerenbedrijf heeft deze hofstede voorlopig afgedaan.
In de jaren 1800 woonde hier de familie Teillier. Later is er gebleven de zoon Pieter Teillier, die in 1852 het hofsteedje verkocht aan Jannis Risseeuw. Later woonde hier Izaak Risseeuw, getrouwd met Sara Jansen. In 1885 is er als pachter gekomen Izaak Porreij, getrouwd met Maria Risseeuw. Daarna zijn er komen wonen Abraham Porreij en Maria Jansen. Porreij is in 1950 gestorven Sinds 1968 woonde hier de kunstschilder Dirk W. Pieters. Het boerderijtje is inmiddels overgegaan in handen van H.F.M. van der Pas, arts te IJzendijke, die er een particuliere en toeristische pleisterplaats van heeft gemaakt De landerijen gingen over naar H. Lambregts.
In 1769 is hier in plaats van Jacob Lageij gekomen Izaak Taillie, getrouwd met Catharina Hendriks. De man is in 1782 gestorven, de vrouw is hertrouwd met Jacob Hendriks. In 1806 is de hofstede verkocht aan burgemeester Jan Benteijn en van toen af bekasteleind door Jacob Witte tot 1818 Toen zijn er gekomen Pieter Naeije en Janneke Lageij tot 1826. Na hen is er als kastelein gekomen tot 1844 Jacob van den Baad. Daarna is als pachter gekomen Pieter Casteleijn, gehuwd met Suzanna Cornelis. Deze vertrokken in 1869 naar hoeve nr. 21 en werden opgevolgd door Charel Martens en Maria Michielsen. De man is in 1872 verdronken, de vrouw hertrouwde daarna met Charel Calon, weduwnaar van Amelia Calon. Deze zijn in 1876 vertrokken naar de hofstede Het Paradijs in de Zachariaspolder (nr. 136).
In 1878 zijn van Sint Kruis gekomen Augustinus Wijffels en Sophia Bernardina van den Hemel. De man stierf in 1884. In 1904 bleef de zoon Constantinus Wijffels. gehuwd met Sidonie Calon, op het hof. Wijffels is in 1908 gestorven en opgevolgd door Constantinus Temmerman, gehuwd met Emma Bonte. De man is in 1928 overleden en opgevolgd door zijn zoon Alfons Temmerman, die in 1935 trouwde met Irma Daelman, afkomstig uit België. De weduwe Temmerman is toen naar Ginneken vertrokken. In 1944 is Alfons Temmerman naar Hoofdplaat vertrokken en opgevolgd door Edmond Buijsse uit Biervliet, gehuwd met Madeleine Blondeel uit Aardenburg.
De boerderij werd in 1958 verkocht aan de gebroeders Vermue, die het bedrijf overn amen en in 1966 uit elkaar zijn gegaan. Dignus Vermue en Annie Buijsse zijn in 1967 naar Zevenbergen vertrokken.
Op het eind van 1966 is het hof verkocht aan een zekere Rijckaert uit Watervliet. Bastiaan Vermue is in 1966 vertrokken naar Sint.Philipsland en als pachter is toen op het hof gekomen van het hof Elmare onder Schoondijke Daniel Poissonnier, geboren in 1937, die in 1961 gehuwd was met Catholina Sara van den Broecke, geboren in 1940 te Breskens. De vrouw overleed in 1974. Na de oorlog zijn de gebouwen grondig vernieuwd.
Op deze hofstede is in 1747 overleden Izaak Rosseel, wiens weduwe hertrouwde met Jacobus Duijck. Zij stierf in 1751. Haar tweede man overleed in 1766. In 1797 is daar gestorven Machiel Versprille, die op de boerderij werd opgevolgd door Izaak Duijck. In 1805 zijn hier gekomen Abraham Haartsen en Sara Jansen Verplanke. Zij zijn gebleven tot 1835 en werden opgevolgd door de zoon Izaak Haartsen en zijn vrouw Elisabeth Leenhouts. De man is in 1864 overleden, de vrouw in 1890. Van hun 16 kinderen is de helft jong gestorven. In 1890 zijn op het hof gebleven de zoon Izaak Adriaan Haartsen en zijn echtgenote Anna Maria Dhont. Deze zijn in 1920 naar de kom van Schoondijke vertrokken, waarna op het hof is gebleven de zoon Pieter Izaak Haartsen, geboren in 1892, gehuwd met Jozina Johanna Verplanke, geboren in 1893 te Hoofdplaat. Deze zijn in 1950 eveneens naar Schoondijke vertrokken en opgevolgd door de zoon Izaak Cornelis Haartsen, geboren in 1919, die in 1948 getrouwd was met Maatje Johanna Verplanke, geboren in 1924 te Driewegen bij Biervliet.
Zij hebben het oude woonhuis afgebroken en er een bungalow gebouwd. De weiden rond het hof zijn geleidelijk alle gescheurd en de bomen gerooid. Hierdoor trad erosie op. Bovendien was het aanzicht van de boerderij als geheel niet fraai. Sinds enige jaren evenwel is een groengordel aangeplant, waardoor de hoeve vooral in de zomer een beeld geeft van een boerderij zoals men die thans zo graag ziet; groen, hoog en laag, met de daarbij horende vogelwereld, De familie Haartsen bewoont deze hoeve van vader op zoon reeds sinds 1805, dus bijna 175 jaar.
In 1789 is hier in plaats van Jacob de Meijer gekomen Pieter Johannes Cortvriendt. Deze is gestorven en zijn weduwe is hertrouwd met Franciscus de Pauw. In 1802 is hier gekomen Pieter Bernardus Temmerman en in 1810 van Waterlandkerkje Pieter van den Hemel. Deze werd in 1833 opgevolgd door Bernard van den Hemel en Maria Cuelenaere. De man is in 1870 gestorven. In 1872 is de zoon Pieter van den Hemel op het hof gebleven. Deze is in 1892 verdronken in de waterput en in dat jaar opgevolgd door Abraham Johannes van der Meulen, geboren in 1869 te Sluis, zoon van Simon van der Meulen en Cornelia Sanders, die gehuwd was met Cornelia Butijn, dochter van Jacob Butijn en Pieternella van Strien, geboren in 1870 te Krabbendijke en afkomstig van een hofstede onder Draaibrug bij Aardenburg. Zij bleven tot 1929 en werden opgevolgd door de zoon Simon van der Meulen, geboren in 1892 te Sluis, gehuwd met Elizabeth Dekker, geboren in 1895 te Hontenisse en afkomstig van Hoofdplaat. De man is in 1949 omgekomen bij een brand. Toen de schuur afbrandde is hij er in gebleven. Daarna is deze hofstede gekocht door zijn broer Abraham Johannes van der Meulen, geboren in 1899, die in 1929 gehuwd was met Jozina Suzanna Becu, geboren in 1907. Zij bleven op de hofstede nr. 38 wonen. Na de dood van zijn vrouw in 1956 is de man er zelf komen wonen. De schuur is spoedig na de brand herbouwd. Het huis is van erg oude datum en vertoont een l7de eeuwse bouwtrant. Naast het huis staat nog een Vlaamse keet, die destijds onderdak bood aan de Vlaamse arbeiders die vroeger hierheen kwamen om de oogst te helpen binnenhalen en ander werk te doen. Ze kwamen vóór de vlaspluk en bleven tot na het bietensteken in november en soms nog langer.
In 1792 is hier in plaats van Willem Stockman gekomen Franciscus Wijffels, In 1814 is hij opgevolgd door Daniel van Male en in 1821 door Hendricus Dominicus Dierick en Johanna Maria de Milliano. In 1839 kwamen er Bernardus Geeraert en Maria Theresia de Nocker, die in 1863 werden opgevolgd door de zoon Henricus Franciscus Geeraert, die in 1904 overleed. Toen zijn er gekomen Jacobus Bernardus van Hijfte en zijn vrouw Emelie Sophia Sutijn. Later zijn deze verhuisd naar het hofsteedje van de weduwe Jannis Haartsen (nr. 22). Daarna kwamen er in 1906 Marinus Dees, geboren in 1879 te Terneuzen en Jacoba Anna Heijnsdijk, geboren in 1884 te Hoek. Deze zijn in 1948 vertrokken naar de kom van IJzendijke en op het hof is gebleven hun zoon Jacobus Mattheus Dees, geboren in 1918, die in 1947 was gehuwd met Johanna Maria Toussaint, geboren in 1922, afkomstig van Retranchement. De oude schuur is door een storm in 1966 vernield en daarna herbouwd. In 1976 vertrokken de ouder’s naar Zuidzande en bleef de zoon Marinus Izaak Dees, geboren in 1951 op de hoeve.
Rozenhoeve
In 1927 is hier door Abraham van der Meulen een nieuwe hofstede gesticht, waarop in 1929 zijn komen wonen zijn zoon Abraham Johannes van der Meulen, geboren in 1899, in 1929 gehuwd met Jozina Suzanna Becu, geboren in 1907 en afkomstig van de Kruisdijk tussen Schoondijke en Breskens. Na haar overlijden in 1956 is de man verhuisd naar hoeve nr. 36 en bleef zijn zoon Abraham Jannis van der Meulen, geboren in 1934 hier wonen. Hij trouwde in 1958 met Janny Hendrika van der Sluis, geboren in 1937 te Haamstede, afkomstig van een hofstede in de Braakman (nr. 12).
Niet ver van de vroegere Tweede Tol van Faro is omstreeks 1924 een hofsteedje gebouwd van het vroegere arbeidershuisje bij het hof van Emile van Hijfte (nr. 43). Daarop heeft eerst gewoond Franciscus Bakker, geboren in 1896 te Ossenisse, gehuwd met Lindeweij Dingetje de Putter, geboren in 1901 te Hoek, Daarna is gekomen Pieter Timmerman van Nieuw-Vossemeer tot 1932. Toen kwam Pieter Veraert, getrouwd met Maria Goossen. Deze vertrok in 1938 naar het Land van Hulst. Daarna kwam Franciscus Bakker weer terug. Toen deze in 1961 naar Schoondijke vertrok is zijn zoon Cornelis Hendrik Bakker, geboren in 1930. die in 1953 gehuwd was met Janna Margaretha Riemens geboren in 1932, op het hofsteedje gekomen.
In 1807 is op dit hof gestorven Pieter de Regt. Toen zijn er gebleven de zoon Pieter de Regt en Maria Adriana Riemens, In 1831 zijn er gekomen Jacob Dhont en Jacoba Johanna de Meijer. Zij werden in 1853 opgevolgd door hun zoon Pieter Dhont. gehuwd met Suzanna Luteijn. Man en vrouw zijn beiden in 1864 gestorven. Toen is de hofstede verkocht aan grootvader Adriaan Luteijn, die hertrouwde met Magdalena Moggré. Deze zijn met de kleinkinderen en de andere grootvader Jacob Dhont hier gebleven. Adriaan Luteijn is in 1891 gestorven. Toen is hier gebleven Pieter Dhont, gehuwd met Anthonette Tromp. Pieter Dhont is in 1912 jong gestorven nalatend een weduwe met 11 kinderen. In 1922 is de weduwe naar Schoondijke vertrokken en is de zoon Pieter Dhont, gehuwd met Jozina Salomé op het hof gebleven. Deze is in 1952 naar Schoondijke en opgevolgd door hun zoon Jacob Adriaan, geboren in 1924, in 1952 gehuwd met Esther Geertruida de Putter van Waterlandkerkje, geboren in 1930. De vrouw is in 1953 overleden. De man is in 1957 hertrouwd met Cathalijntje Maria Kools, geboren in 1928 te Zuidzande Een fraaie beboomde dreef geeft toegang tot de boerderij, die van heel oude datum is. Het smeedijzeren afsluithek bevat verschillende symbolen. In 1966 is er een nieuw huis gebouwd.
Tot 14 april 1741 woonden op dit hof als pachter Jan Hamers en Maatje Louwers. Daarna werden zij eigenaar. In 1751 is er gekomen Jannis Tromp. De man stierf in 1788. In 1792 is er gebleven de zoon Cornelis Tromp, gehuwd met Jacoba Hendriks. De man stierf in 1820, de vrouw is gebleven tot 1835. Toen werd ze opgevolgd door haar zoon Willem Tromp, gehuwd met Jannetje Risseeuw, die voordien weduwe was van Jannis Zonnevylle. De vrouw stierf in 1843. De man hertrouwde met Elizabeth Haartsen, De man stierf in 1850. De hofstede is daarna bekasteleind tot 1861 door Abraham de Blauwe. Toen is ze verkocht aan Abraham van Houte en Elizabeth Leenhouts, die erop kwamen wonen. In 1891 is de hofstede verkocht aan Franse grondeigenaren. In 1900 is er een nieuw woonhuis gebouwd en in 1908 is de schuur afgebrand met al het vee erin. De vrouw is in 1913 overleden, de man in 1917. Daarna zijn er gekomen Augustinus Petrus de Milliano, geboren in 1881 en Elodie Maria Doens, geboren in 1882 te Biervliet. Deze zijn in 1954 vertrokken naar de kom van IJzendijke en opgevolgd door hun zoon Omer August de Milliano, geboren in 1921, in 1954 gehuwd met Aloysia Amandina Maria Hermans, geboren in 1922.
Kuilhoeve
In 1776 is hier in plaats van Jannis Ekkebus gekomen Jacob de Muynk, in 1818 Jacob Franciscus Buijck, die in 1835 naar Waterlandkerkje vertrokken is. Toen zijn er gekomen Pieter van Hoorikx en Anna de Langhe. De vrouw is in 1848 overleden, de man in 1853. De kinderen zijn samen gebleven tot 1870. Toen is het hof gekomen aan Petrus Bernardus van Hoorikx, gehuwd met Sophia van Damme. De man is in 1872 gestorven, de vrouw is in 1873 hertrouwd met Petrus Johannes de Milliano, In 1881 is de schuur door het onweer afgebrand en in hetzelfde jaar is een nieuwe gebouwd. De vrouw is in 1918 gestorven De man is in 1920 naar de kom van IJzendijke vertrokken. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Emile Joseph de Milliano, geboren in 1887, gehuwd met Maria Louisa Buijsse uit Biervliet, geboren in 1894. In 1938 is de schuur weer afgebrand Zij zijn in 1953 vertrokken naar de kom van IJzendijke en opgevolgd door hun zoon Rene August Marie de Milliano, geboren in 1925, die in 1954 trouwde met Anna Marie Elizabeth Cornelissen, geboren in 1933 te Hontenisse. Op deze hoeve bevindt zich nog een aardappelkuil.
In 1777 is in plaats van Jacob Knudde hier gekomen Daniel Hendrikse. In 1811 zijn uit de Grote Zuiddiepepolder gekomen Pieter Wisse en Petronella Haartsen In 1825 kwamen hier Johannes de Keijzer en Felicita Terblijt en in 1838 Joris van Hijfte en Ricaria Plasschaert. In 1859 is hier gebleven de zoon Carolus van Hijfte gehuwd met Adelaida Sophia de Jaeger. Deze vertrokken in 1888 naar het hofsteedje van Pieter Casteleijn in de Oranjepolder (nr 2l) en toen zijn hier gebleven Emile van Hijfte en Maria Matthijs. In 1913 is de schuur door de bliksem getroffen en afgebrand en nog in hetzelfde jaar herbouwd. In 1920 vertrokken zij naar de kom van IJzendijke en bleef de zoon Prudent Joseph François van Hijfte, in 1920 gehuwd met Maria Valentina Bertha Govaert uit Groede er wonen. Zij vertrokken in 1923 naar Texel, keerden terug in 1929 en gingen toen in de Oranjepolder (nr 21) wonen In 1923 zijn hier gekomen Gerard de Feijter en Suzanna de Jonge die in 1927 naar Zuid-Beveland vertro kken Daarna zijn hier gekomen Marinus Petrus van Oers, gehuwd met Joirina Jacoba Luijks uit Noord-Brabant In 1923 is de hofstede veel verkleind daar er 3 nieuwe hofsteedjes van gemaakt zijn. In 1931 is de schuur afgebrand en weer opgebouwd. In 1938 vertrokken zij naar de kom van IJzendijke en werden opgevolgd door de zoon Marinus Arnoldus Hubertus van Oers geboren in 1904 te Wouw, die in 1939 trouwde met Maria Cecilia Wijffels, geboren in 1906 en afkomstig van Waterlandkerkje. Na de dood van haar man bleef de weduwe op de hoeve. Haar dochter Jacqueline Maria Cornelia van Oers. geboren in 1945, trouwde in 1970 met Eric Maria Wijffels geboren in 1946 en bleef daar wonen In 1975 bouwde de weduwe van Oers een huis naast de hoeve en ging er wonen. Haar kinderen drijven nu de boerderij, daar Eric Wijffels leraar is aan de katholieke scholengemeenschap Sint-Eloy te Oostburg, waar hij Nederlandse taal doceert.
In 1776 zijn hier in plaats van de weduwnaar Joost Goossen gekomen Jannis Risseeuw en Cathalijntje Mahieu. In 1811 zijn hier gekomen Constantinus Wijffels en Johanna Dusarduijn. De man is in 1833 gestorven. In 1835 zijn er gekomen Bernardus Jacobus Bonte en Maria Jacoba Wijffels. Deze vertrokken in 1859 naar de kom van IJzendijke. Daarna hebben hier gewoond Charles Martens en Maria Michielsen. Na de dood van de man zijn in 1876 uit de Oranjepolder (nr. 16) gekomen Franciscus Josephus Calon en Felicita Bonte. De vrouw stierf in 1886. In 1895 is van deze hofstede veel land afgegaan door verkoop van ruim 70 gemeten. In 1896 zijn er gekomen Edmond de Clerck en Pharailde Buijsse In 1905 kwam er van hoeve nr. 28 de weduwe van Henricus van den Hauwe, Louisa Meulebroek, op wonen, die in 1930 werd opgevolgd door de zoon Clement van den Hauwe, geboren in 1900, in 1930 gehuwd met Celina Stephania Maria Breijaert, geboren in 1907 te Sluis. Deze zijn naar de kom van IJzendijke vertrokken in 1963. Zij werden opgevolgd door hun dochter Agnes Maria van den Hauwe, geboren in 1939, in 1963 gehuwd met Ludovicus Gijsbertus Dingenus de Waal, geboren in 1936 te Ossenisse in Oost-Zeeuws-Vlaanderen
Op dit hof stond een grote merkwaardige oude Vlaamse schuur van 44 meter lang met een langsdeel (dorsvloer). Deze werd in 1975 door brand verwoest en in 1976 door een nieuwe moderne schuur vervangen, voornamelijk bedoeld als bergplaats voor landbouwmachines, dus kleiner en hoger gebouwd. als het ware een stuk beton Deze hofstee is uit de l7de eeuw. Het huis is minder typisch voor die tijd. Hierbij zal de mening van de woningbouwer wel een grote rol hebben gespeeld De koekoek op het dak is van veel latere datum, namelijk van rond 1930.
Het Boerenverdriet.
In 1781 is hier in plaats van Francis Beekman gekomen Jozias de Kraker uit de Ameliapolder onder Biervliet (nr 23). In 1791 kwamen er van Cadzand Jacob de Hullu en Suzanna Herny. Deze zijn in 1794 weer naar Cadzand vertrokken (nr. 24) en opgevolgd door Pieter de Zwarte. In 1802 zijn er gekomen Johannes Baptiste Cortvriendt. in 1833 Johannes Franciscus de Milliano en Clementia Sophia Doens, die in 1844 vertrokken naar het hof Zorgvliet onder Groede. Daarna kwamen hier Pieter Bernardus de Bruijckere en Colletta Lijcke uit Eede. De man is gestorven in 1868 en de zoon Jan de Bruijckere, getrouwd met een dochter Coene is er gebleven. Deze is in 1881 vertrokken naar Aardenburg. Daarna kwam Petrus de Jaeger uit Watervliet, gehuwd met Julia IJsebaert. De vrouw stierf in 1911, de man in 1917. De zoon Frans de Jaeger is toen tot 1920 op het hof gebleven. Nadat er ongeveer een jaar een zekere de Bruijne uit het Land van Axel had gewoond, zijn er in 1921 uit Noord-Brabant komen wonen Adrianus van Tiggelen, geboren in 1877 te Wouw en Dymphna Joanna van Oers, geboren in 1875 te Steenbergen. Op 4 oktober 1921 is de schuur met schaapstal afgebrand. In 1942 is de zoon Antonius Adrianus van Tiggelen, geboren in 1908 te Wouw, die in 1941 gehuwd was met Margriet Marie Louise Mullaert uit Biervliet, geboren in 1914, op het hof gebleven. In 1971 huwde de zoon Georges Adrianus Edumondes van Tiggelen, geboren in 1945 met Gemma Maria Virginia Baecke, geboren in 1949 en nam het bedrijf over.
RETRANCHEMENTPOLDER
In 1928 werd hier een boerderij gebouwd door Gustaf August Alphonse Dellaert, geboren in 1876 en omtrent 1900 gehuwd met Maria Modde, geboren in 1874 Ze gingen hier vandaan in 1935 en in hun plaats kwamen Maurice Leon Eduardus de Smet, geboren in 1910, in 1935 gehuwd met Hilda Emma Maria van de Vijver, geboren in 1909 te Koewacht. De man overleed in 1972. Nadien werd het bedrijf overgenomen door de zoon Paul Raymond August de Smet, geboren in 1940, in 1964 gehuwd met Lydia Alma Désiree Verschraegen, geboren in 1940 te Sas van Gent.
In 1955 werd hier door Cyrille Josephus de Milliano, geboren in 1919 een nieuwe boerderij betrokken, Hij trouwde in 1955 met Ivonne Mathilde Stephanie van Haelst, geboren in 1925 te Zuiddorpe. De man overleed in 1978.
In 1948 bouwde de jongste zoon van Adrianus van Tiggelen, Johannes Antonius van Tiggelen, geboren in 1913, een nieuw huis met schuur juist voorbij het kerkhof en trouwde in dat jaar met Maria Johanna Doens, geboren in 1923. In 1968 werd de zoon Wilfried Johannes van Tiggelen mede in het bedrijf opgenomen.
KOM
Nadat hij hier in 1900 een nieuwe schuur had gebouwd heeft Aloysius Josephus Dellaert, gehuwd met Louisa Maria Calon hier in 1902 een boerderij, melkerij, vrachtrijderij en café gesticht. In 1918 zijn ze naar hofstede nr. 138 vertrokken. Toen zijn er gekomen Leopoldus Bernardus de Smet, geboren in 1893 en Leonie Amelia Maria Cuelenaere. Herberg en vrachtrijderij zijn toen opgeheven. In 1945 is de schuur afgebrand en herbouwd. De ongehuwde zoon Cyrillus Franciscus de Smet, geboren in 1928, heeft de zaak in 1958 overgenomen en de ouders hebben zich toen elders In het dorp gevestigd.
In 1885 is hier een grote schuur afgebrand, eigendom van Angelus Dierikx en Sophia de Wispelaere. Deze hebben daarop een nieuwe schuur en een huis gebouwd en zijn daar komen wonen. Zij hebben er toen een café, boerderij en melkbedrijf gevestigd met vrachtrijderij. De man is in 1909 overleden, de vrouw in 1913. De kinderen zijn toen op het bedrijf gebleven. Dit waren, Bernardus, Amelie en Stephanie Dierikx. Amelie Dierikx is in 1933 overleden. Het cafe werd opgeheven. Bernardus is overleden in 1940. Toen zijn erop gekomen Juliën Verbeke, gehuwd met Maria Louisa Verstrijnge en de ongehuwde Arséne Verbeke.
In 1873 heeft Charles Dellaert hier een nieuw huis met schuur gebouwd en er een boerderij en melkerij gesticht. Hij is in 1910 vertrokken en toen is eigenaar geworden Aloysius Josephus Dellaert. getrouwd met Louisa Maria Calon (van nr. 49). Het huis werd aan derden verhuurd. In 1917 zijn de gebouwen verkocht aan Ernest Rodts, Deze heeft ze in 1920 weer overgedaan aan Petrus Johannes de Milliano, die hier van hofstede nr. 42 is komen wonen met twee kinderen: Petrus en Louise. Deze hebben het huis en de schuur in gebruik genomen. Petrus Johannes de Milliano is overleden in 1924, de zoon Petrus in 1930. Louise de Milliano is daarna vertrokken en dan zijn er gekomen Julius van Lierde en Stephanie de Badts. Deze hadden alleen een melk bedrijf alsmede een veehandel. Na de dood van de man zijn daar gekomen de zoon Herman van Lierde en Helene Govaert, die de melkhandel en een zuivelwinkel beheren. De grote schuur naast het huis Is aan de gemeente verkocht,
Op de landerijen van het hof van Franciscus Josephus Wijffels is een nieuwe hofstede gesticht. Daarop zijn in 1879 gekomen Theophilus Wijffels en Leonie de Badts uit Schoondijke. Deze zijn in 1909 in de kom van IJzendijke gaan wonen en toen zijn op het hof gebleven de zoon Eugene Bernardus Wijffels, geboren in 1885 en Emma Marie van Hijfte, geboren in 1889. De schuur is in 1944 door oorlogsgeweld vernield. In 1949 zijn zij in een nieuwe villa gegaan, gebouwd tegenover de ingang van de menne van het hof.
Op het hof is toen gebleven hun zoon Jacques Camiel Eugene Wijffels, geboren in 1922. in 1949 gehuwd met Marie Anthoinette Marcelle de Dobbelaere, geboren in 1927. Rond 1950 is er een nieuwe schuur gebouwd.
In 1876 werd door Bernardus Doens en Johanna Dellaert een boerderij en melkbedrijf begonnen in de Waistraat. De man was ook molenaar op de houten standaardmolen uit het begin van de l7de eeuw, die tot 1860 had behoord aan een zekere Snebbaut en van toen af aan Charles Carpreau. Bernardus Doens heeft de molen gehad tot 1920, Toen is eigenaar geworden Aloysius Doens, gehuwd met Marie Haverbeke. In 1922 is de molen overgegaan naar Petrus Aloysius Doens, gehuwd met Elodie Wijffels, neef van de vorige eigenaar en zoon van Gustaaf Doens, eigenaar van de stenen molen. Hij is overleden in 1958. De houten molen is reeds in 1922 wegens bouwvalligheid afgebroken en de molenberg is na verkoop aan de gemeente in 1928 geplat. De maalderij, eerst motorisch en later electrisch gedreven, de graan- en meelhandel. het melk bedrijf aan de overkant van de straat en een partij landbouwgrond zijn sinds 1956 eigendom van de zoon Gustaaf Gerardus Doens, gehuwd met Germarne van den Hemel, afkomstig van Biervliet. De melkhandel hebben zij gestaakt. Sinds 1967 is de graanhandel door associatie belangrijk uitgebreid. Daarvoor is een groot magazijn gesticht aan de Varkensmarkt. Als landbouwbedrijf heeft het afgedaan.
Nadat hier de molenaar van de stenen molen Gustaaf Doens had gewoond is hier in 1932 binnen de kom van IJzendijke een boerderij gesticht door Prosper August Wijffels, geboren in 1889, gehuwd met Regina Celina Haverbeke, geboren in 1892 Door hen werd vooral de melkveehouderij beoefend. Prosper Wijffels was enige tijd wethouder vanr IJzendijke Nadat zij vrij vroeg gestorven waren bleven de drie kinderen op het bedrijf In 1950 trouwde de zoon Herman Joseph Wijffels, geboren in 1919 met Ivonne Clothilde Augusta Constantia de Rijcke, geboren in 1927 te Sluis-Heille en zij namen het bedrijf landbouw, veehouderij en zuivelhandel, over. Omdat door overheidsmaatregelen de rundveehouderij erg werd beperkt heeft hij later in een weide buiten IJzendijke een rundveestal doen plaatsen.
KLEINE JONKVROUW BENOORDENPOLDER
In 1859 is hier een hofstede gesticht door Bernardus Temmerman, gehuwd met de weduwe van Jacobus Jansen, Maria de Keijzer. Deze zijn in 1875 vertrokken naar Schoondijke en vandaar zijn toen naar deze hofstede gekomen Bernardus Tas en Louise van Damme. In 1878 zijn zij naar de kom van IJzendijke gaan wonen. Toen is hier gekomen Charles Louis Lippens met zijn vrouw Eugenie Philomena Temmerman. De stenen molen was hun eigendom. Zij zijn in 1884 naar Amerika vertrokken. Toen kwamen op de boerderij Jacobus Bernardus Temmerman en Johanna Maria de Keijzer.
In 1901 is de man overleden en is de hofstede verdeeld. De gebouwen werden gekocht door Clement Thomaes uit Hoofdplaat en Johanna van Damme. De man overleed in 1915, de vrouw in 1934. Toen is erop gebleven Alfred Josephus Thomaes, gehuwd met Emma van Hijfte. De schuur is later gekocht door Rene Goossens, die er een vlasbedrijf in vestigde. In 1944 is ze afgebrand door oorlogsgeweld, waarbij ook René Goossens bij een granaatinslag is gedood. Thans is Petrus Bernardus Haverbeke eigenaar van erf en bedrijfsgebouwen.
Het Groenewoud
In 1785 is in plaats van een zekere Cortvriendt op dit hof gekomen Pieter Bernard de Keijzer, in 1795 opgevolgd door Jan de Keijzer, gehuwd met Theresia Carolina de Milliano. De man is in 1824 overleden. De weduwe hertrouwde met Carolus van Leeuwen. Deze vertrokken in 1853 en werden opgevolgd door Franciscus Fuijting en Sophia Francisca Plasschaert als kasteleinen voor Joris van Hijfte en Ricaria Plasschaert, die er zelf op kwamen in 1859, In 1863 zijn ze naar de kom van IJzendijke vertrokken en is hier gebleven de zoon Augustinus van Hijfte, gehuwd met Eugenia Wijffels. De man is in 1887 overleden toen hij onderweg was naar zijn opzichter. In 1894 zijn hier gekomen Charles Haverbeke en Virginie van Hijfte, die weer werden opgevolgd door Leo Haverbeke, geboren in 1858 en Stephanie Rosalia Buijck, geboren in 1860. Toen deze in 1937 naar de kom van IJzendijke vertrokken, bleven hun zoons Augustinus Haverbeke, geboren in 1895 en Florentius Augustinus Haverbeke, geboren in 1899 op het hof. Laatstgenoemde was in 1935 getrouwd met Paula Marie Pieternella Cammaert, geboren in 1907 te Sint-Jansteen, eerstgenoemde trouwde in 1948 met Emma Cornelia Cammaert, geboren in 1908 te Sint Jansteen. Augustinus en zijn vrouw vestigden zich na hun huwelijk eveneens in de kom. In 1968 hebben Florentius en zijn vrouw, die op het hof waren gebleven, zich in een nieuwe bungalow gevestigd langs de Provinciale weg. Zij werden toen op de boerderij opgevolgd door hun zoon Frank August Irma Haverbeke, geboren in 1941, die in 1972 trouwde met Jeanne Celina Petrus Haverbeke, geboren in 1951 te Biervliet, In 1968 brandde de oudste schuur, daterend uit de l7de eeuw, tot de grond toe af, Ook de andere schuur is intussen vernieuwd. Dit hof kreeg de naam Het Groenewoud naar een cafe van die naam dat bij de toegang tot de boerderij aan de Provinciale weg stond. Nadat het café gesloten was bleef de hoeve de naam Het Groenewoud behouden.
Parkzicht
In 1936 is hier door Marinus Dees van hoeve nr. 37 een hofstede gesticht, waarop zijn gekomen de zoon Marinus Johannes Dees, geboren in 1909, in 1934 gehuwd met Elizabeth Martina Risseeuw, geboren in 1914 te Breskens. Zij werden later op het bedrijf geassisteerd door de zoon Marinus Jacob Dees, geboren in 1940 en in 1967 gehuwd met Ineke Verschoor, geboren in 1945 te Terneuzen, voor wie in 1967 iets verderop in de richting van Turkije een bungalow werd gebouwd.
In 1927 is hier door Charles Wijffels en Emma Onderdonck een plekje gesticht waar zij op kwamen wonen. In 1937 hebben zij het verkocht aan André Coppejan en Sophia Rosalia de Martelaere, geboren in 1900, die er het vlasbedrijf uitoefenden. De man is in 1949 overleden en de weduwe is in 1953 hertrouwd met Petrus Jacobus van Hecke, geboren in 1893, Zij vertrokken naar IJzendijke en toen zijn er gekomen Remi Augustinus de Meijer, geboren in 1921, die in 1955 huwde met Marie Thérese Delphine Charlotte Calon, geboren in 1929, afkomstig van Hoofdplaat. Zij hebben vooreerst het huis totaal verbouwd en uitgebreid. Tezamen met zijn broer Walter de Meijer van hoeve nr. 59 exploiteert hij het bedrijf.
KLEINE OUDEMANSPOLDER
Op deze oude kapitale hofstede woonde in 1830 Franciscus Cortvriendt met een groot gezin. De kinderen Petrus, Venantius, Fidelus en Catharina Cortvriendt hebben er tot 1900 gewoond tot de laatste van hen daar is overleden, Uit Hoofdplaat zijn toen gekomen Constantinus Temmermen en Emma Bonte, afkomstig van Sint kruis. In 1909 zijn zij vertrokken naar hofstede nr. 34. Dan zijn van de hofstede Konijnenberg onder Biervliet mr. 381 hier gekomen Gustavus Alphonsus Emilius de Meijer en Paulina Cornelia Maenhout, afkomstig van Terneuzen. Deze zijn In 1918 naar de kom van IJzendijke vertrokken, waarna op het hof zijn gebleven Petrus Leopoldus de Meijer, geboren in 1893, in 1918 getrouwd met Eliza Maria Haverbeke, geboren in 1893, die de hofstede in 1920 hebben gekocht van de eigenares Marie Cortvriendt. In 1925 Is een van de schuren door blikseminslag afgebrand en vervangen door een nieuwe. Zij zijn in 1964 naar de kom van IJzendijke vertrokken en werden opgevolgd door de jongste zoon Walter Marcel Maria de Meijer, geboren in 1934, die in 1964 trouwde met Anny Augusta Maria de Paepe, geboren in 1940 te Eede, Deze zet samen met zijn broer Remi Augustinus de Meijer, voor wie een nieuw huis werd gebouwd (hoeve nr. 40), het bedrijf voort. In 1966 is een oudere schuur door de storm vernield.
Maurice Alphons Marie Gruson, geboren in 1914, die in 1945 huwde met Catharrna Maria Boussen, geboren in 1916, stichtte een landbouwbedrijfje waar zijn ouders Alfons Gruson en Maria Allemeers voordien een smidsbedrijf hadden. De schuur, die in 1944 door oorlogshandelingen werd verwoest, werd later herbouwd. De man overleed in 1976, waarna de vrouw van het bedrijf vertrok. Het wordt thans bewoond door een particulier en is niet meer als landbouwbedrijf in gebruik.
In 1830 woonde hier een zekere Vloeberghe, wiens vrouw na het overlijden van de man hertrouwde met een zekere Dysselinck. De dochter, Amelle Dysselinck, trouwde met Ivo van Hecke, en na diens overlijden met Charles van Hecke. In 1891 vertrok deze laatste naar het hof nr, 83. Hij werd opgevolgd door August van Hecke en Leonie Sophie de Buck, die in 1911 op hun beurt naar het hofnr. 83 zijn gegaan. Zij werden opgevolgd door Eduard Pauwels en Louise Tourné, die in 1919 verhuisd zijn naar het hof nr. 74. Hier zijn dan gekomen de kinderen van Engel Savat: Alphons, Aloys en Louise Savat, De langstlevende, Alphons Savat, heeft het bedrijfje voor zijn dood in 1958 geschonken aan Marinus de Jonge. Nu wonen er sindsdien Honoré Boussen, geboren in 1905, die in 1932 was gehuwd met Elza Maria van Leeuwe, geboren in 1913. In de aangebouwde schuur zat een steen, waarschijnlijk een fragment vuil een grafzerk van het kerkhof of uit de oude kerk van Sint-Nicolaas inVaerne die achter het huis en de schuur heeft gestaan.
Hier heeft Petrus Boussen, geboren in 1902 en in 1940 gehuwd met Marina Augusta Antonia Hauwens, geboren in 1907 te Adegem in België, een vlasserij gesticht met de nodige bedrijfsruimte. Door de achteruitgang van de vlasindustrie is de laatste jaren de vlasbewerking opgeheven en werd het een landbouwbedrijf van beperkte omvang.
Het Leeg Hof
Deze hofstede was lange tijd bekend als Het Leeg Hof. Rond 1800 heeft hier de familie Henrrcus Dossche gewoond, die naar Waterland-Oudeman is vertrokken in 1829. In 1860 woonden er Henricus Dossche en Emelie Cortvriendt. Man en vrouw zijn enkele jaren later overleden. Toen zijn hier gekomen Jacobus Bernardus Quataert en Theresia Calon, die in 1883 naar Sluis zijn vertrokken. Op het hof zijn toen gekomen Charles Calon en Sophia Ludovica de Rijcke, die er een schaapskudde hielden. Na het overlijden van de vrouw is Charles Calon hertrouwd met Amelia Wijffels. In 1892 zijn deze naar het hof De Goede Hope onder Hoofdplaat (nr. 35) vertrokken en hebben het hof leeg en orrverpacht achtergelaten. In het huis hebben jarenlang arbeidersgezinnen gewoond, soms vier tegelijk. Van de grond is veel verkocht, de rest is verpacht aan August Buijsse (van nr. 75). In 1911 werd pachter diens zoon Cyriel Buijsse, die dit bleef tot 1926. Toen is op het hof gekomen Camiel de Vlieger uit Kaprijke in België, geboren in 1897, in 1926 getrouwd met Magdalena Maria Wulfrancke uit Eede, geboren in 1899. In 1944 werd de schuur door oorlogsgeweld verwoest en later herbouwd. In 1967 huwde de zoon Willy Camiel Arnold de Vlieger met Erna Maria Leonie Noëlie de Sutter, geboren te Sint-Laureins in België, Zij vestigden zich toen op deze hoeve. Het oude huis vertoont veel gelijkenis met de boerenhuizen in West-Vlaanderen.
VRIJEPOLDER
Stroopuit
Deze kleine hofstede was in 1827 eigendom van Johanna Maria Dossche. Ze werd later gekocht door Constant Schutijser uit Moerbeke in België. Tot 1841 woonde hier Angelus Descamps. Eigenaar is toen geworden Jacobus Bernardus van Houcke voor de prijs van f 944,28. Deze is erop gekomen met zijn vrouw Norbertina Mullaert. De vrouw overleed in 1849. De man is hertrouwd met Rosalia Sturm. Hij overleed in 1861. De vrouw hertrouwde met Venantius Hamelinck Dit gedoe is in 1870 verkocht aan August Bernardus de Reu en Maria Roman. De dochter Louise de Reu trouwde in 1887 met Camiel Lutaert. Zij hebben het bedrijf annex herberg verkocht aan Edmond Louis Plasschaert en Felicita Tas, die er gewoond hebben tot 1914. Nadien woonden er Cyriel Plasschaert en Sylvia Wouters tot 1969. Het bedrijf is nadien verlaten. Thans is het in handen van een Belgische eigenaar, die er een riant buitenverblijf van heeft gemaakt. Het jaartal 1766 is een aanduiding dat er toen een nieuw dak op het huis gelegd is. Het was van oude tijden een bekende landelijke herberg ‘In den Stroopuit’ genaamd, waar menigeen een pintje pakte voor de dorst en een druppel omdat het zo lekker was. Jaarlijks had er de poldervergadering plaats waarna de ingelanden zich te goed deden aan de gebakken paling besproeid met de nodige spiritualiën. Het was tevens een ideale plaats voor de plakkers.
OUDE PASSAGEULEPOLDER
Tot zijn overlijden in 1910 heeft hier gewoond de ongehuwde Hendrik Cortvriendt. Dan zijn erop gekomen broer en zuster Bernard Rijckaert en Louise Rijckaert. De eerste was in 1904 gehuwd met Delia Verstraeten. Na het overlijden van haar man in 1913 hertrouwde Delia Verstraeten in 1914 met Petrus Waatjes, die nog in hetzelfde jaar is overleden. In 1914 zijn Louise Rijckaert en Delia Verstraeten naar de kom van IJzendijke gegaan en zijn op het hof gekomen Eduard Haemers en Marie Louise Veijt. In 1913 is de schuur afgebrand en daarna is er een nieuwe gebouwd. De vrouw is in 1920 overleden en de man is toen naar Watervliet vertrokken. Op de hofstede is toen gebleven de zoon Theophiel Haemers, geboren in 1893, gehuwd met Clementine Maria de Smet, geboren in 1895. De vrouw overleed in 1969, de man in 1970. Sinds 1960 wordt de hoeve beheerd door de dochter Istella Maria Ludovica Haemers, geboren in 1921. Ze wordt daarbij bijgestaan door haar zoon Ronald Julien Marie, geboren in 1944.
Odiel Marie Ghislain de Jaeger, geboren in 1914 en in 1936 gehuwd met Jozina de Jonge, geboren in 1914 te Schoondijke, hebben in 1938 een nieuw huis betrokken, waarbij een schuur en bijgebouwen zijn gezet op qe helft van de landerijen van hofstede nr. 69. Nadien zijn zij gaan wonen nabij Stroopuit en is op het hof gebleven de zoon Franciscus Maria Ghislain de Jaeger, geboren in 1938, in 1960 gehuwd met Cecile Eugenie Marie Onderdonck, geboren in 1940 te Heille, Hij doet vooral mechanisatiewerk in de landbouw.
George Franciscus Maria Dossche, geboren in 1928, in 1957 gehuwd met Agnes Marie Theophilus Lievens, geboren in 1929 heeft hier in 1959 een nieuw bedrijf gebouwd. Zij kwamen van een kleine boerderij onder Stroopuit die thans is verdwenen.
In 1935 bouwde Maurice de Wispelaere, geboren in 1910 te Kaprijke, zich hier een kleine boerderij. Hij huwde in 1935 met Alice Maria Verheije, geboren in 1905.
In het begin van de l9de eeuw woonde hier de familie Rubben. In 1856 is de hofstede gekocht door Karel de Jaeger en lang bekasteleind. Het tegenwoordige huis dateert van 1874 en werd in 1875 betrokken door Theophiel de Jaeger en Florence Dansen In 1912 is op het hof gebleven de zoon Cyrille Marie Joseph Hubert de Jaeger, geboren in 1877, gehuwd met Leonora Maria George dit Maréchal, geboren te Waterland-Oudeman in 1883. Deze overleed in 1935. In 1936 ïs het land in tweeën gedeeld. Op de hofstede is gebleven de zoon Alfons Ghislain Marie de Jaeger, geboren in 1910. in 1937 gehuwd met Maria Loursa Oranda Dhuijvetter, geboren te Sint-Jan-in-Eremo in 1911. De andere helft van het hof ging naar hoeve nr. 66, waar een broer op kwam wonen.
In het begin der l9de eeuw woonde hier een zekere Pauwels. In 1848 zijn uit Hoofdplaat gekomen Petrus Hypolitus Jansen en Virginie Calon, die In 1886 naar Groede vertrokken. Toen zijn er gekomen Joseph Maertens uit Overslag en Virginie Catharina van den Buicke uit Axel, In 1902 is de hofstede verkocht aan Franciscus Termote uit Zuiddorpe, gehuwd met Christina Bruggeman. Het gezin Maertens is daarna in 1904 naar Waterland-Oudeman vertrokken. Op de hofstede kwamen toen de zoon Prosper Termote, geboren in 1882 te Zuiddorpe en de dochter Eveline Termote. De eerste trouwde in 1910 met Irma Maria Hamelinck, geboren in 1888 te Assenede. De man overleed in 1920, de vrouw hertrouwde in 1923 met René Franciscus Wijffels, geboren in 1880. Zij vertrokken in 1925 naar een hofstede onder Biervliet. Op het hof zijn toen gekomen de broer van Prosper Termote, Elimar Joseph Marie Termote uit Zuiddorpe, geboren in 1888 en Leonie Arigelina Maria Steijaert uit Graauw, geboren in 1893, Zij werden in 1945 opgevolgd door hun oudste zoon Arsene Joseph Ter mote, geboren in 1917, in 1945 gehuwd met Maria Margaretha van Hecke, geboren in 1921 Zij overleed in 1974. Intussen is het oude huis afgebroken en door een nieuw vervangen.
JERONIMUSPOLDER
Voor de zoon van Victor Hermans, Omer Johan Marie Hermans, geboren in 1924, in 1955 gehuwd met Denise Marie Elodia Alma Maes, geboren in 1929, is hier een nieuw bedrijf gesticht. Naast de landbouw is de varkensfokkerij modern ter hand genomen, waarvoor de daartoe passende gebouwen zijn neergezet.
In 1917 is dit hof gebouwd door René Sturm uit IJzendijke. Als kastelein is er toen opgekomen Petrus Coemaet, gehuwd met Carolina d’Olieslagers, die het in 1923 hebben gepacht. In 1928 zijn ze weer naar Hoofdplaat vertrokken en is de hofstede bekasteleind door Camiel Wijffels uit Biervliet en Maria Rosalia Ducheine, die in 1930 teruggegaan zijn naar Biervliet. Als pachter is er in 1930 opgekomen uit Zuid-Beveland, Willem Dekker, gehuwd met Cornelia Tannetje Quist, die ïn 1939 weer vertrokken zijn naar Borssele. De hofstede is toen verkocht aan Petrus Jacobus Maenhout, geboren in 1912 en Oranda Catharina Augusta Vermue, geboren in 1913 te Retranchement, die in 1939 waren gehuwd en er toen opgekomen zijn, Ze bleven er totdat hun zoon Herman Ediltrudis Margaretha Maria Maenhout in 1970 trouwde met Ria Iréne Irma Termote, geboren in 1947 en het bedrijf overnam.
Josinahoeve
Deze hoeve was oorspronkelijk eigendom van de familie Hennequin uit Sluis. Na 1800 tot 1830 woonden hier Jan Dossche en Seratina de Bruijcker. De man was evenals zijn vader op de hofstede geboren. In 1869 kwamen hier wonen Angelus Edmondus Dossche en Felicita Aerrioudts. De man is in 1882 overleden en de vrouw is met de kinderen vertrokken naar Waterland-Oudeman. De hofstede werd toen verpacht aan August van Hijfte en Eugenie Wijffels. Op het hof kwamen daarna hun kinderen Jacobus Hernardus van Hijfte en Virginie van Hijfte. In 1888 zijn toen gekomen uit Hoofdplaat Jacobus Leopold de Meijer en Leonie Temmerman. De vrouw overleed in 1915. Het hof kwam toen in bezit van de Hollandse familie van Es. Victor Hermans uit Stoppeldijk, geboren in 1880 en Marie Therese Burm uit Stekene in België, geboren in 1886, zijn er in 1918 komen wonen De mran overleed in 1927. De vrouw hertrouwde in 1930 met Camiel van den Nauwe (van nr. 44). Deze overleed in 1956. De vrouw is daarna naar de kom van IJzendijke vertrokken en op het hof is gebleven de zoon Odilon Jacobus Marie Hermans, geboren in 1928, in 1956 gehuwd met Camilla Felicita Rijckaert, geboren in 1929 te Biervliet.
Deze hoeve is samengesteld uit een complex gebouwen die in duidelijk Vlaamse trant zijn gebouwd, Op het huis stond eertijds een torentje waarop een zeemeermin als windwijzer was geplaatst. Deze windwijzer bevindt zich nu in het Streeklandbouwmuseum te Heille.
Hier werd een bedrijfje gesticht door Bernard Rijckaert en Delia Verstraeten, In 1919 zijn er gekomen Eduard Pauwels en Louise Tourné. De vrouw is in 1934 overleden, de man In 1948, Na de dood van de vrouw is Gustaaf Pauwels, gehuwd met Sophia Thuijsebaert, op het hofje gebleven. Hij beheerde het rustig en genoeglijk, Men zou kunnen zeggen: het boerenwerk was zijn hobby geworden. Zijn vrouw overleed in 1968. In 1977 is de hele boerderij afgebrand en is de man naar elders vertrokken.
Het Groenewoud
Deze hofstede werd rond 1820 bewoond door de familie Dossche, Er waren in het gezin negen dochters, alsmede de zoon Jan Dossche, gehuwd met Amelia Johanna Calon, die hier rond 1850 is gekomen. In 1859 zijn er nieuwe bedrijfsgebouwen gezet met stenen die in een ter plaatse gebouwde steenoven waren gebakken. Het echtpaar is in 1877 vertrokken naar Waterland-Oudeman. De dochter Virginie Dossche trouwde met August Buljsse uit Sas van Gent en deze zijn in 1877 op het hof gekomen. In 1911 zijn ze naar Watervliet vertrokken en is op de hofstede gebleven de zoon Cyriel Marie Buijsse, geboren in 1880, met zijn vrouw Leonie Hortensia Marie Bonte, geboren te Sint kruis in 1885. Zij werden opgevolgd door de zoon Maurice Marie Joseph Buijsse, geboren in 1912, in 1951 gehuwd met Margaretha Louisa Calon, geboren in 1919 te IJzendijke. De gebouwen waren nieuw gezet na een brand in 1901. Het kapitale woonhuis is na de bevrijding in 1944 geheel herbouwd als gevolg van belangrijke schade door oorlogshandelingen. Thans woont er al het negende geslacht uit de familie Dossche-Buijsse.
Nooit Gedacht
Op deze hofstede woonde rond 1900 de ongehuwde Bernardus Rubben, afkomstig van het hof De Roskam (nr. 91). Bij testament werd ze vermaakt aan Bernard Coussemaecker, In 1911 zijn erop gekomen Emiel Verhuist en Emma Verbeke, De man overleed in 1910, de vrouw is in 1915 vertrokken naar Zuidzande. Van Sint-Jansteen zijn toen in 1921 hier gekomen Franciscus Norbertus Boussen, geboren in 1874, gehuwd met Nathalia Maria Aerts, geboren in 1878. In 1945 zijn deze naar Waterland-Oudeman vertrokken en is op het hof gebleven de zoon August Boussen, geboren in 1908, gehuwd met Germaine Hermine Maria de Muur, geboren in 1908.
Het hof was vroeger bekend onder de naam Nooit Gedacht. Na de dood van de man is de vrouw vertrokken en is de boerderij verkocht aan een Belg. Ze is nu verlaten. Het land is in andere handen overgegaan.
Bij een eenvoudig werkmanshuis, eigendom van Angelus Maeyens, heeft zijn neef-oomzegger Emiel Francies Maeyens, geboren in 1865, gehuwd met Febronie Marie Geernaert, geboren in 1875, beiden uit Waterland-Oudeman, rond 1890 een boerderijtje gesticht en een houten schuur gebouwd. De zoon Cyriel Joseph Maeyens, in 1899 op het hoge geboren, trouwde in 1924 met Maria Julma Deveneijns, geboren in 1894 te Ooiken in België en nam de zaak over in 1924. Later werden de gebouwen uitgebreid. Hun zoon Germain Joseph Maeyens, geboren in 1926, in 1951 gehuwd met Denise Mathilde van Parijs uit Eede, geboren in 1925, nam het bedrijf over in 1955. Voor de ouders werd een nieuwe woning aangebouwd. Cyriel Joseph Maeyens was bij zijn overlijden in 1977 een der laatste oudstrijders uit de Eerste Wereldoorlog 1914-1918 uit de grensstreek.
Dit bedrijfje werd gesticht door Edmond de Kreijger, gehuwd met Leonie Verheije. Hun dochter Honorina Sophie de Kreijger, geboren in 1886, getrouwd met Petrus Hubertus Looghe, geboren in 1884 te Sint-Jan-in-Eremo, bleef op het bedrijf. Na de dood der ouders bleven de beide zonen Arsene Marcellus Looghe, geboren in 1923 en Marcel Ghislain Looghe, geboren in 1925 op het bedrijfje wonen.
Hier werd rond 1912 een bedrijfje gesticht door Philemon Boënne en Maria Plasschaert. In 1914 zijn ze weer naar Amerika teruggegaan, waar ze ook vandaan gekomen waren en is het hofje overgegaan aan Petrus Bert en Rosalie Cools, die eveneens uit Amerika waren gekomen. Petrus Bert is overleden en toen zijn erop gekomen Philemon Bert en Mathilde Vloeberghe. De vrouw overleed in 1959. De man is erop gebleven tot 1968. Hij Is toen vertrokken naar het bejaardenhuis in IJzendijke. Het bedrijf is nu in beheer bij Cyrillus Hendrikus Vloeberghe, geboren in 1907, in 1944 getrouwd met Marie Bert, geboren in 1909 te Annawan, staat Illinois, U.S.A. (zie ook de nrs. 99 en 100).
Op dit bedrijfje wonen sinds 1955 Bertrand van Hevele, gehuwd met Margriet Buijsse, die er in 1965 een nieuw woonhuis bijgebouwd hebben.
KRAKEELPOLDER
Dit bedrijf werd gesticht door Alfonsius Aloysius Boussen, afkomstig van hoeve nr. 76, geboren in 1910, in 1945 gehuwd met Germaine Magdalena Descamps, geboren in 1926, die rond 1940 de tweewoonste, een dubbele werkmanswoning, bewoond door Emiel Vermeire had gekdcht. Zij hebben het bedrijf betrokken in 1945 en er in 1946 de schuur bijgebouwd.
GROTE OUDEMANSPOLDER
Dit was vroeger het hof van Petrus Haemers. In 1878 zijn daar gekomen Charles Lippens en Prudence Dhuijvetter. Zij zijn in 1889 naar de kom van IJzendijke vertrokken, waarna de eigenaars, de kinderen de Milliano, het hof hebben beboerd tot 1891. Toen zijn erop gekomen Emiel van den Hauwe en Clementine Spelier. Zij zijn in 1920 naar Watervliet vertrokken, waarna uit Ovezande op Zuid-Beveland zijn gekomen Petrus de Jonge en Jacomina Verdonck, die het hof hebben gekocht. De vrouw is overleden in 1937, de man in 1944. De zoons Pieter en Jan de Jonge namen toen de zaak over. Na hun overlijden is het hof gekomen aan hun broer Maririus de Jonge, gehuwd met Adriënne Duijtschaever uit Sint-Jan-in-Eremo. Deze heeft het in 1947 verpacht aan zijn dochter Hermina Maria de Jonge, geboren in 1928, in 1947 gehuwd met Prosper Johannes van den Bossche, geboren in 1923. Zij hebben het hof in 1965 gekocht en er in 1966 een nieuw huis op gebouwd.
Op deze hofstede woonde in 1830 een zeker Hazebroek. In 1860 zijn er gekomen Jacobus Bernardus van Hecke en Angelina Dhuijvetter. Nadat de vrouw was overleden is de man er gebleven tot 1891. De volgende bewoners waren Charles van Hecke en Rosalie Vlieberghe, die in 1911 zijn vertrokken en opgevolgd werden door August van Hecke en Leonie Sophie de Buck. Deze zijn in 1919 naar de kom van IJzendijke vertrokken en toen is er gebleven de zoon Petrus Jacobus van Hecke, geboren in 1893, in 1919 gehuwd met Emelie Maria Verrostte, geboren in 1899 te Watervliet. die de hofstede gekocht heeft van zijn oom.
In 1934 is er een nieuw huis gebouwd en in 1936 een nieuwe schuur. Zij zijn daar gebleven tot 1945, toen ze naar de kom van IJzendijke vertrokken, waarna op de hofstede zijn gekomen Camiel Doens, geboren in 1916 en afkomstig van Biervliet, in 1946 getrouwd met Lima Haverbeke, geboren in 1917. Deze laatste zijn naar de Noordoostpolder vertrokken in 1958. Toen zijn erop gekomen Juliën Gaston Haemers, geboren in 1922, in 1956 getrouwd met Maria Johanina de Martelaere, geboren in 1929. Deze bleven tot 1972. Toen trouwde de kleindochter van de eigenaar: Aline Marleijn Leonie Termote, geboren in 1947 met Ludwig Marie Franciscus Josephus Bonte, geboren in 1938 te Sint-Margriete en zij kwamen op het hof. Bij de boerderij ligt in de wei een grote waterput, bij de vissers bekend om de vele paling die er te vangen is.
NIEUWE PASSAGEULEPOLDER
In 1810 zijn hier gekomen Josephus Wijffels en Clementine Temmerman. De vrouw is in 1846 gestorven. De man is in 1849 hertrouwd met Rosalia van den Bossche. In 1861 zijn er gekomen Josephus Franciscus Wijffels en Sophia de Coster. De man is in 1893 gestorven, de vrouw in 1895. De kinderen zijn op het hof gebleven. In 1902 is hier gebleven Hypolitus Wijffels, getrouwd met Mathilde Modde. In 1902 is er een nieuwe schuur gebouwd en in 1924 een nieuw huis, beide op het grondgebied van de gemeente Waterlandkerkje. In 1933 is de vrouw overleden, de man in 1938. Daarna is de zoon Clement Joseph Wijffels hier gebleven, na eerst de hofstede verkocht te hebben aan een Belgische eigenaar. Clement Joseph Wijffeis, geboren in 1903, huwde in 1938 met Leonie Petronelia Maria van Kampen, geboren In 1908 te Graauw in OostZeeuws-Vlaanderen. Ze zijn beiden overleden, de man in 1962, de vrouw in 1964.
Nadat de kinderen enkele jaren samen de hofstede hadden beboerd bleef in 1970 op het hof de jongste zoon Theodoor Clement Maria Wijffels, geboren in 1946, in 1970 gehuwd met Maria Elisabeth Mathilde Magnus, geboren in 1947 te Vogelwaarde in Oost-Zeeuws-Vlaanderen. Na de verbouwingen van 1902 en 1924 is deze boerderij op het grondgebied van Waterlandkerkje komen te liggen, zodat ze van dan af eigenlijk onder de hofsteden van Waterlandkerkje moet worden opgenomen. De familie Wijffels bewoont deze boerderij reeds bijna 170 jaar, namelijk sinds 1810.
In 1920 heeft Daniël van Hoeve hier een nieuw hofsteedje gebouwd en heeft daar gewoond tot 1936. Hij is toen in de kom van IJzendijke gaan wonen. Op het hof zijn toen gekomen Marinus Veraart van het hof nr. 121, geboren in 1911 te Steenbergen en Alida Louisa de Dobbelaere, geboren in 1913, die in 1930 waren getrouwd. Door hen zijn de gebouwen voor eigen rekening belangrijk uitgebreid, ook al omdat men de vlasserij ging beoefenen, waarvoor de nodige gebouwen vereist waren evenals voor de varkensfokkerij, dle men ook ter hand nam. In 1959 trouwde de zoon Antoine Leonardus Cornelis Veraart, geboren in 1939, met Johanna Delphina Groosman, geboren in 1940 en bleef op de hoeve. Voor hen werd een tweede woonhuis gebouwd. Thans, in 1978, zijn met grootvader en de kleinkinderen vier generaties op de hoeve vertegenwoordigd, waarbij door aanbouw de woningen zijn aangepast.
Op deze hofstede woonde Petrus Cortvriendt, gehuwd met een dochter Thomaes. Hij overleed in 1856. De weduwe heeft het hof bewoond tot in 1872 en heeft dan meikoopdag gehouden. Toen is erop gekomen de zoon Camiel Cortvriendt, gehuwd met Virginie Calon. Deze zijn in 1881 naar Watervliet vertrokken De weduwe Cortvriendt is toen weer teruggekomen. In 1887 heeft ze nog eens meikoopdag gehouden. Ze heeft het hof daarna opnieuw volledig ingericht en voor de derde maal meikoopdag gehouden in 1890. De gebouwen zijn geleidelijk aan afgebroken en de landerijen verkocht. Alleen de keet is blijven staan. Die is later gebruikt als arbeidershuis en naderhand geheel afgebroken.
Hier heeft in 1865 Pieter Johannes de Vuijst, gehuwd met Sophia van de Berge, een herberg gebouwd en een melkbedrijf gesticht. Op het hof zijn nadien gekomen Theophiel de Smet, gehuwd met de dochter Maria de Vuijst. Zij zijn in 1928 elders in IJzendijke op rust gegaan, de zaak overlatende aan hun zoon André de Smet, geboren in 1901, in 1928 gehuwd met Augusta Julia Minnaert, geboren in 1904. Geleidelijk aan hebben vader en zoon steeds meer land in gebruik genomen. Andre de Smet en zijn vrouw vertrokken naar de vroegere marechausseekazerne en op het hof bleven de beide ongehuwde kinderen Omèr Gentil de Smet, geboren in 1935 en Emma de Smet.
Op deze kleine hofstede hebben tot 1821 gewoond Hendricus Dominicus Dierikx, en Johanna Maria de Milliano. Daarna is er rond 1830 gekomen Jan Baptiste van Hecke. Nadat zijn eerste vrouw was overleden hertrouwde hij in 1872 met Sophia Claeys. Er was een herberg en melkhandel aan verbonden. Hij overleed in 1880. In 1882 trouwde de zoon van zijn vrouw, Alphons Claeys, met Theresia Cornelia Berckmoes en bleef op het bedrijf. De man overleed in 1890. De vrouw hertrouwde in 1894 met Bernard Coppens. Zij hebben in 1914 een nieuw huis betrokken daar dichtbij. Op het hof zijn toen gebleven Edumond Claeys, geboren in 1885 en Elodie Stephanie Perdaen, geboren in 1887 te Sas van Gent. Hun zoon George Bernardus Claeys, geboren in 1915, in 1943 gehuwd met Agnes Eleonore Mathilde Emma Cortvriendt, geboren in 1915 te Assenede. heeft het bedrijf overgenomen in 1944.
Nadat het land van hoeve De Roskam (nr. 91) tussen de twee broers van Damme was verdeeld, heeft de jongste, Julien Joseph van Damme, geboren in 1909, in 1937 gehuwd met Eliza Louise Dellaert, geboren in 1911, hier een schuur gebouwd en is zelf in IJzendijke gaan wonen. De man stierf door een auto-ongeluk. In 1966 werd er op dit hof een huis bijgebouwd ten behoeve van de zoon Frits Eugène van Damme, geboren in 1942. in 1966 gehuwd met Lidy Irma Camilla Termote, geboren in 1941 in Hoofdplaat. Deze hebben zich toen hier gevestigd.
In 1889 hebben Jan Hontelez, gepensioneerd wachtmeester der marechaussee en Nathalie de Vuijst hier een herberg en melkbedrijf gevestigd. Zij vertrokken in 1906 naar Souburg en toen zijn er gekomen Theophiel de Smet en Leonie Doens. In 1937 hebben zij de zaak overgedaan aan hun zoon Arthur Theophiel de Smet, geboren in 1913. in 1937 gehuwd met Elvira Maria Walkiers, geboren in 1915.
De Roskam
Bernardus de Vilder woonde op de Roskam vanaf maart 1825. Het hof was toen eigendom van Peter Fermont en zijn echtgenote Coletta Plasschaert. Die woonden zelf in Eecloo, Oost-Vlaanderen. Bernardus werd aangesteld als kastelein op de hoeve. In juli 1828 trouwt Bernardus met Maria Theresia Buijck. Peter Fermont overlijdt in 1829 en zijn vrouw zet de exploitatie van de Roskam voort met als kastelein Bernardus de Vilder. Maria Theresia Buijck overlijdt op 28 februari 1834. Bernardus trouwt op 30 augustus 1836 met Maria Catharina Maenhout, de weduwe van Jan Francies Doolaege die in januari 1835 was overleden. In 1836 sluiten Bernardus en Maria Catharina in beider naam een 9-jarig pachtcontact voor de Roskam. In 1845 wordt het pachtcontract voor 9 jaar verlengd. In 1854 gaan Bernardus en Maria Catharina in de stad IJzendijke wonen (Bron P. de Vilder). De Roskam wordt dan bewoond door Angelus Rubbens, zijn vrouw en zeven kinderen tot zijn vertrek in 1881. Dan is gekomen uit Axel Jacobus de Jonge, die in 1900 naar de Oranjepolder (nr.24) is gegaan. Daarna werd het hof bewoond door Charles Haverbeke en Emilie Maenhout. Deze zijn in 1909 naar de kom van Ijzendijke vertrokken en opgevolgd door Jules Wijffels en Marie Haverbeke. In 1917 zijn ook deze naar de kom van IJzendijke vertrokken. Daarna heeft er een zekere Wesemael uit het Land van Hulst gewoond, die in 1921 weer naar ginds is vertrokken. Van Biervliet zijn toen gekomen Desiré van Damme, geboren in 1873 te Graauw en Cornelia Ludovica de Bakker, geboren in 1872 te Stoppeldijk. Na verdeling van de hofstede onder de zoons is Eugene Jacobus Desiré van Damme, geboren in 1904, in 1937 gehuwd met Helena Suzanna Virginia Modde, geboren in 1911 te Boekhoute. op het hof gebleven. Thans wordt het bedrijf mede beheerd door hun zoon Marc Désiré Eugene van Damme, geboren in 1950, in 1978 gehuwd met Greta Marie Raymond De Schepper, geboren in 1950 te Adegem. Vroeger stond daar op de Clarapolderdijk het veerhuis tevens herberg De Roskam. welke naam op het hof is overgegaan. Door de eigenaars is vroeger aan de noordgevel van het huis een jachtpaviljoen gebouwd.
Rond 1920 woonden hier Cornelis Swartilé en Pharailde de Buck, die naast het landbouwbedrijfje ook een herberg exploiteerden. In 1925 werden zij opgevolgd door Hilaire Maurice de Boever,geboren in 1901, in 1925 gehuwd met Maria Johanna van Zeele, geboren in l901. Daarna volgden in 1936 ,nadat zij in dat Jaar waren getrouwd, Theophiel Swartilê, geboren in 1907 en Louisa de Boever. Zij werden in 1949 weer opgevolgd door Arseni Swartilé, geboren in 1926, in 1949 gehuwd met Imelda de Poorter, geboren in 1926. De man overleed in 1970. Nadien is het bedrijf niet meer als landbouwbedrijf in gebruik geweest. De gebouwen werden verkocht aan een particulier, die er thans woonachtig is.
In 1921 stichtte Benoni de Boever, die gehuwd was met Sophie Lietaert. een vlasbedrijf langs de weg naar het Mollekot in de Clarapolder. Vóór de Eerste Wereldoorlog had hij op de Maagd van Gent gewoond en daarna in het Witte Huis en was werkzaam geweest in het vlasbedrijf. In 1928 stierf Leon Heijman uit Westdorpe, de man van zijn dochter, waarna deze met haar twee zoons bij haar vader, Benoni de Boever, introk. In 1940 werd ten behoeve van de vlasserij een hangaar geplaatst aan de andere kant van de weg, dus nu in de Nieuwe Passageulepolder. In 1947 werden kavels land aangekocht en bij de hangaar stallen gebouwd ten behoeve van landbouw en veeteelt. Tot 1953 was de vlasserij nog rendabel, maar daarna niet meer. In 1954 werd het vlasbedrijf dan ook beëindigd en alleen landbouw en veeteelt beoefend.
In 1953 huwde een der zoons, Maurice Johan Heijman, geboren in 1914 te Westdorpe met Celina Ivonne de Kever, geboren in 1921 te Stoppeldijk. Door hen werd naast de schuur een nieuw huis gebouwd. Ze hadden daarmee van lieverlee het bedrijf van hun grootvader overgenomen.
GROTE JONKVROUW BEZUIDENPOLDER
Balhofstee
Deze hofstede werd in 1830 bewoond door Jan Kaas en Isabella de Meijer. Deze zijn rond 1850 verhuisd naar de Kapitale Dam onder Biervliet. Hier is toen gekomen uit Watervliet Jan de Dobbelaere, gehuwd met Anna Philips, weduwe van Damme. De vrouw overleed in 1886 en de man is daarna weer naar Watervliet teruggegaan. Op het hof bleven toen de kinderen Bernard. Eduard, Vinantius en Rosalie de Dobbelaere. Vinantius is op het hof overleden. De anderen zijn in 1908 naar de kom van IJzendijke vertrokken. Daarna is gekomen uit Sint kruis Petrus Geernaert, gehuwd met Sophia van Kouwenberghe. De man is in 1918 overleden, de vrouw is in 1919 vertrokken. Zij zijn opgevolgd door Joseph Steenaert en Christina Maria Gijsel, die het hof hebben gekocht. Deze hebben in 1928 aan de overkant van de weg een kleinere hofstede gebouwd mr. 97) en gingen daar wonen. In hun plaats is toen gekomen Daniël Heijnsdijk, gehuwd met Maria Buijze. In 1933 is de schuur afgebrand en in 1936 werd er een nieuwe gebouwd. Kort daarop zijn ze vertrokken en zijn op het hof gekomen Willem Arie van de Slikke, geboren in 1904, die in 1930 gehuwd was met Maria Anna Jacobs, geboren in 1907, uit Hoofdplaat, dochter van de nieuwe eigenaar. In 1944 is het hofverwoest.
De door oorlogsgeweld verwoeste schuur werd rond 1950 herbouwd. Het huis werd opgeknapt. Na hen kwamen in 1962 de zoon Izaak Boudewijn van de Slikke, geboren in 1935, in 1962 gehuwd met Jozina Cathalijntje Brakman, geboren in 1937.
Van dit hof wordt gezegd dat er in 150 jaar geen kinderen op geboren zijn. Dit hof zou zijn naam te danken hebben aan de kanonsballen, gebruikt tijdens de Belgische opstand van 1831, die ter herinnering op de toegangspoort waren gemetseld.
In 1929 heeft Aloys Kouijzer hier een hofsteedje gebouwd. Hij was gehuwd met Leonie Marie Apers. Ze woonden er tot 1955 toen ze naar de kom van IJzendijke zijn vertrokken. Nadien woonde er Cornelis den Hamer, geboren in 1922, in 1955 gehuwd met Suzanna Janna Zonnevijlle, geboren in 1925. De man is in 1968 overleden.
Hier woonden omstreeks 1830 Jan Franciscus Doolaege en Anna Catharina Maenhout. Na het overlijden van de man in 1835 hertrouwde de weduwe met Bernardus de Vilcier en samen zijn ze verhuisd naar De Roskam (nr. 91). Op dit hof zijn dan gekomen Petrus Maenhout en Theresia Carolina Doolaege. De vrouw is overleden in 1888, de man in 1889. De zoons Eduard en Benonie Maenhout zijn er toen gebleven. De laatste overleed in 1896. De eerste, Eduard Maenhout, huwde in 1898 met Louise de Roover. Zij zijn in 1919 naar Oostburg vertrokken en op het hof zijn toen gekomen Augustus Verbeke en Romanie Goossens In 1924 kwamen hier Emiel Maenhout en Antoinette van de Plasse De man is overleden in 1940. Daarna kwamen er Adriaan Gerardus van de Plasse uit Oostburg, geboren in 1908, die in 1941 trouwde met Germaine Marie Stephanie Muas uit Biervliet, geboren in 1915. De schuur is na de oorlog herbouwd, maar later toch weer verwoest. Tenslotte is een kleinere schuur gebouwd, hoofdzakelijk voor de varkensteelt. Omstreeks 1972 vertrokken zij van de hofstee. Het huis werd daarna bewoond door de zoon Wilfried Johan Prudent André van de Plasse, geboren in 1944, gehuwd met Beatrix Maria Louisa Hageman, geboren in 1941 te Hontenisse. De man heeft naast de varkensteelt nog een ander beroep buiten de boerderij. Het land van de hoeve werd verkocht aan Cyriel René Verrostte van boerderij nr. 110.
In 1928 hebben Joseph Steenaert uit Koewacht en Christina Maria Gijsel afkomstig van hoeve nr. 94, hier een hofsteedje gebouwd. In 1937 is de vrouw gestorven. De man is er met de kinderen blijven wonen. In 1946 is het overgegaan aan Hector Aiphonse Steenaert, geboren in 1902, die in 1932 getrouwd was met Ludovica Maria Coppejans uit Watervliet, geboren in 1903. Het huis is bij de bevrijding in 1944 vernield en nadien weer opgebouwd. Omstreeks 1975 is de boerderij door de provincie aangekocht ten behoeve van de te verbreden weg naar Watervliet en totaal afgebroken.
In 1921 heeft Alice Verplaetse, dochter van Gustaaf Verplaetse uit Hansbeke in België, hier een hof gesticht. Haar vader was als vluchteling uit België tijdens de Eerste Wereldoorlog naar hier gekomen en was slager en veekoopman. In 1922 is Alice Verplaetse getrouwd met Maurice de Bouts, die zich ook hier vestigde. Zij zijn in 1934 naar Watervliet getrokken, na het hof te hebben verkocht aan een Belgische eigenaar. Toen zijn uit België hier gekomen Mauritius August Huijsman, geboren te Boekhoute in 1894, in 1934 gehuwd met Clara Angelina Leroy, geboren in 1909 te Boekhoute. Deze zijn naar de kom van IJzendijke gegaan in 1964. Nadat het land was verkocht aan Marcel Govaert uit Sint-Jan-in-Eremo is het huis bewoond door een particulier.
Hier heeft in 1904 Jacobus Bernardus van Hijfte, gehuwd met Emelie Suteijn, een landbouwbedrijf gesticht met herberg. Zij zijn later weer vertrokken. Op het bedrijf zïjn t oen gekomen Albinus Josephus Muilaert en Romania Rosalia Sturtewaegen. Deze zijn in 1913 naar Schoondijke vertrokken en toen heeft zich hier gevestigd Edmondus van Hamme, gehuwd met Mathilde Nuijtinck. Later is hier gekomen Petrus Plasschaert. Deze is vertrokken in 1925 en opgevolgd door Achiel van Hijfte en Gerarda van de Vijver, beiden uit Sluis. De man is hetzelfde jaar overleden, de vrouw heeft zich toen in de kom van IJzendijke gevestigd en is naderhand getrouwd met Eugene Dellaert van hoeve nr. 14 Hier zijn toen gekomen Prudent van Hijfte en Maria van Gassen. Zij zijn naar Sluis teruggegaan in 1932 en opgevolgd door Hendrikus Edmondus Vloeberghe, geboren in 1873 en Marie Louisa Cornelia Bouwens, geboren in 1875. De man is in 1938 overleden. Het bedrijf is toen overgenomen door de zoon Cyrillus Hendrikus Vloeberghe, geboren in 1907, die in 1944 huwde met Maria Bert, geboren in 1909 te Annawan, staat Illinois, U.S.A. Door hen werd er een nieuwe bungalow gebouwd waarin na hen zijn komen wonen de zoon Tony Edward Cyrillus Vloeberghe, geboren in 1946, die in 1969 trouwde met Maatje Sara Verplanke, geboren in 1947. De ouders zijn toen vertrokken naar het bedrijf van de vrouw’s broer (nr. 79).
In 1921 heeft Johan de Rijcke uit België, gehuwd met Marie Valckx, hier een nieuw hofsteedje gebouwd, dat in 1962 werd gekocht door Cyrillus Hendrikus Vloeberghe van hoeve nr. 99 en nr. 79. Het huis is thans als toeristenverblijf in gebruik.
In 1912 werd hier een kleine hofstede gesticht door August Goethals en Rosalie van Daele. Zij zijn hier in 1914 vertrokken. In hun plaats zijn gekomen Aloys Triphon Pijl en Stephanie van Mossevelde uit Koewacht. In 1920 is de schuur afgebrand en herbouwd. Een jaar later zijn de bewoners vertrokken naar Watervliet en in 1922 zijn hier uit Borssele op Zuid-Beveland gekomen Bastiaan Kopmels en Apolonia de Jonge. Zij verhuisden in 1926 naar de Schoondijkseweg. In hun plaats is gekomen Emiel August Dusarduijn, geboren in 1893, in 1926 gehuwd met Alice de Decker. De vrouw stierf in 1947. Nadien is de man hertrouwd met Martha Maria de la Rivière, geboren in 1909 te Oosteeklo in België. Na de dood van haar man in 1972 is de vrouw verhuisd naar de kom van IJzendijke. De boerderij werd toen gesloopt om plaats te maken voor de verbreding van de weg tussen IJzendijke en Watervliet. Het hele bedrijf is toen verkocht en het land is in gebruik genomen door Leon Marcel de Dobbelaere van hofstede nr. 122. Daarna is er een nieuw huis en een nieuwe schuur gebouwd een eind van de weg af, waarin een draineerbuizenbedrijf werd gevestigd, geleid door August Provoost, gehuwd met Erna Bracke. Het huis wordt thans bewoond door hun ongehuwde zoon Benny Provoost.
In 1906 hebben August van den Bulcke en Elodie Eek hier een kleine hofstede gebouwd. De man is overleden in 1911. De vrouw hertrouwde een jaar later met Petrus Temmerman. Zij zijn in 1921 naar Waterland-Oudeman vertrokken en kort daarop zijn hier gekomen Armand Hypolitus van Waes, geboren in 1871 te Zuiddorpe en Marie Mathilde de Jaeger, geboren in 1876 te Watervliet. Van Waes heeft toen in de trant van een Kortrijkse vlasschuur een groot bedrijfsgebouw gesticht, waar eerst een houten schuurtje stond. Later zijn er nog meerdere gebouwen bijgebouwd. De man is overleden in 1958, waarna de zoon Ghislain Gerard van Waes, geboren in 1920, in 1945 gehuwd met Agnes Eugenia Onghenae, geboren In 1922, uit Biervliet, het bedrijf heeft overgenomen. Bij de bevrijding is de schuur verwoest. Op de fundamenten is daarna een nieuwe gebouwd.
In 1920 heeft Ernest Joseph Rodts, geboren In 1880, gehuwd met Alice de Pauw, geboren in 1888 te Watervliet, het vroegere woonhuis van de ontvanger der invoerrechten en accijnzen gekocht en daar een herberg gesticht met een kleine boerderij. Hun dochter Mariëtte Marie Louise August Rodts, geboren in 1923, trouwde in 1951 met Astere Joseph Marie Deveneijns, geboren in 1921. Zij namen het bedrijf over. Dit bestaat thans uit een café en 40 gemeten land om te beboeren.
Hier heeft gewoond Petrus Marteijn, kleinlandbouwer, herbergier in ‘Het Wapen van Zeeland’. winkelier, slachter en rietdekker. In het begin van de twintigste eeuw is de dochter getrouwd met August Goethals en is daar komen wonen. In 1912 zijn ze verhuisd. Toen is er gekomen Ivo Wauters, die in 1919 naar Kaprijke is vertrokken. Hij werd opgevolgd door Alphons Menu, geboren in 1890 en Maria Louisa de Poorter, geboren in 1894. Daarna werd het bedrijf eigendom van George Augustinus Menu, geboren in 1914, in 1941 getrouwd met Margaretha Stephania Meubebroek, geboren in 1917. die het bedrijf voortzette. De man overleed in 1978.
CLARAPOLDER
Hier woonde na 1830 Karel Johan de Milliano. zoon van Petrus Johannes de Milliano en Bernardina Jacoba de Bruijckere. Deze is in 1885 naar Watervliet getrokken, waarna het hof drie jaar is bekasteleind. Het hof is toen geheel vernieuwd met stenen uit een steenbakkerij ter plaatse. Eigenaar was toen de Gentse fabrikant de Hemptinne. Op het hof was een overdekte mestvaalt. Uit het Land van Hulst zijn daar dan gekomen Petrus Alexander Boënne en Annie Verheist. Deze zijn in 1897 naar Waterland-Oudeman vertrokken. Toen is er gekomen Albriek de Dobbelaere, gehuwd met Pelagie Rijckaert. Deze zijn in 1924 naar Boekhoute vertrokken en opgevolgd door hun zoon Marcel Emiel Marie de Dobbelaere, geboren in 1901, in 1924 gehuwd met CLara Maria Haverbeke, geboren in 1896. Een groot gedeelte van het land is gekocht van de eigenares, mevrouw de Bieberstein - de Hemptinne. De ouders zijn vertrokken naar de kom van IJzendijke in 1957. Op het hof is gebleven de zoon Frans August Marie de Dobbelaere, geboren in 1930, in 1957 gehuwd met Marie Theresia Rachelle Thomaes, geboren in 1933 te Hoofdplaat. Dit hof heeft een grote naam gekregen door de paardenfokkerij, die sinds 1897 daar werd bedreven. De merrie Finette werd de stammoeder van beroemde paarden. De merrie Hermine werd in 1924 op de internationale paardententoonstelling in Milaan wereldkampioene. De fokgroepen hebben in Den Bosch jarenlang eerste prijzen behaald. De schuur en de stallen werden in 1944 door oorlogsgeweld verwoest en daarna spoedig herbouwd.
In 1907 stond hier een huis op Nederlands gebied naast het cate ter plaatse ‘Het wapen van Zeeland’. Nadat er een nieuwe schuur en een keet bijgebouwd was en het huis geheel was vernieuwd is hier vanuit West-Vlaanderen gekomen Eduard Deveneijns, geboren omtrent 1850 en gehuwd met Mathilde van Hecke, geboren in 1855 te Watervliet. Beiden overleden in 1941.
Door toevoeging van landerijen is het een grote boerderij geworden. De voor de bouw nodige stenen, Scheldestenen, werden met de tram Eeklo-Watervliet bij het Hoogkasteel aangevoerd en de planken en balken werden geleverd ïn de Koninginnehaven te Biervliet, vanwaar ze met paard en wagen moesten worden afgehaald.
De familie bleef tot 1913 op de boerderij. In hun plaats kwam dan de zoon Edemond Joseph DeveneiJns, geboren in 1883, in 1913 gehuwd met Augusta Maria Maenhout, geboren in 1886 te Sint-Jan-in-Eremo. Na hun beider overlijden in 1956 werden zij opgevolgd door de zoon Arsene Joseph Maria Deveneijns, geboren in 1924, in 1957 gehuwd met Lucy van Tiggelen, geboren in 1934 te IJzendijke. Bij hun komst is het huis opnieuw grondig vernieuwd en gemoderniseerd.
In 1926 heeft Franciscus Xaverius Vervaet, geboren in 1896 te Stekene in België, gehuwd met Alma Irma Onderdonck, geboren in 1902, hier een nieuwe hofstede gebouwd. Zij bleven er wonen tot de dochter Annie Marie Louise Vervaet, geboren in 1938, in 1965 trouwde met Michel Alfons Emma Rodts, geboren in 1943. Samen leidden ze daarna het bedrijf.
Op deze hofstede zijn in 1789 gekomen Johan Baptiste Geeraedt en Johanna Catharina de Meijer. In 1820 zijn er gekomen Franciscus Bernardus Geeraedt en Catharina Bauwens. De vrouw is jong overleden. De man hertrouwde met Johanna Catharina Geeraedt en overleed in 1840, de vrouw in 1867. Toen is er gebleven Franciscus Hendricus Geeraedt, gehuwd met Felicita Caion. De vrouw overleed in 1900, de man in 1905. Op het hof zijn dan gebleven de kinderen Edmond, Polidoor, Philemondus, Emma en Stefanie Geeraedt. De eerste en de laatstgenoemde zijn getrouwd, De drie anderen zijn in 1919 naar IJzendijke komen wonen. Dan zijn op het hof gekomen Theophiel van de Vijver en Valentina Baecke, die de hofstede hebben gekocht. Zij zijn vertrokken naar Watervliet en werden opgevolgd door Caesar Auguste van de Vijver, geboren in 1913, in 1946 gehuwd met Marie Margaretha Dierikx, geboren in 1917. In 1944 werd de schuur door oorlogshandelingen verwoest en daarna herbouwd. De zoon Willy Theophilus Florimondus van de Vijver, geboren in 1947, in 1970 gehuwd met Marijke Pharailde Irma Buijsse, geboren in 1948, woont in IJzendijke maar helpt op de hoeve.
Deze hofstede werd in 1827 bewoond door Anton Thienpondt en Johanna de Decker. De man overleed in 1855. De vrouw Is gebleven tot 1884 heeft toen een meikoopdag gehouden. Tot 1900 is het hof bekasteleind voor de eigenaar Emiel Dhaenens van Bassevelde. In 1900 zijn er gekomen Theophile Maria Joseph de Clerck en Maria Mathilda Pauwels. Deze zijn in 1927 verhuisd naar een nieuw gebouwde hofstede niet zover daarvandaan in de Van Dunnépolder onder Biervliet (nr. 134). Hier zijn toen uit Rilland-Bath gekomen Leonardus van de Voorde, geboren in 1862 en Hortensia Maria Baecke, geboren in 1871. De vrouw is in 1929 overleden. Het gezin is daar gebleven tot 1935, in welk jaar het verhuisd is naar een nabijgelegen hof, ook in de Clarapolder gelegen, doch op het grondgebied van de gemeente Philippine (nr. 112). Op de hofstede is toen gebleven de zoon Arthur August van de Voorde, geboren in 1906 te Rilland-Bath, in 1935 gehuwd met Josephine Marie Stephanie Ferket uit Nieuw-Namen, geboren in 1907. Deze zijn in 1962 naar de kom van IJzendijke vertrokken en opgevolgd door hun zoon André Cyrille Marie van de Voorde geboren in 1938, in 1962 gehuwd met Alice Maria Rosa Willems uit Breskens, geboren in 1936. Op het hof staat een kapitale Vlaamse schuur met één dorsdeel in de lengte van het gebouw.
Hier woonde in 1830 Jacobus Dusarduijn. In 1834 zijn er gekomen Johannes Venantius Verrostte en Amelia de Witte. De man is overleden in 1866, de vrouw is gebleven tot haar dood in 1898. De kinderen Venantius, Rosalie en Nathalie Verrostte zijn in 1909 naar Watervliet gaan wonen, terwijl op het hof zijn gekomen Benonie Verrostte en Sophia van Hecke uit Watervliet. In 1926 zijn deze naar de kom van IJzendijke gegaan en is gebleven de zoon Emiel Joseph Verrostte, geboren in 1883 te Watervliet, gehuwd met Maria Octavia de Poorter, geboren in 1888 te Westende in West-Vlaanderen. De man is overleden in 1939. In 1961 is de weduwe naar de kom van IJzendijke vertrokken en is de zoon Cyriel Remi Verrostte, geboren in 1928, in 1954 gehuwd met Denise Marie Thérese Hautekiet, geboren in 1930 te Uitkerke in West-Vlaanderen, op het hof gebleven. Na de oorlog heeft hij een paar honderd meter noordelijker een geheel nieuwe hofstede gebouwd, bestaande uit een woonhuis en moderne bedrijfsgebouwen.
Hier stond vanouds een herberg waarin rond 1920 Gustaf Ongenae, geboren in 1880 en zijn echtgenote Elvire Stephanie Thienpondt, geboren in 1895, woonden. Ze hadden naast het café tevens een boerderij en een korenmolen. Deze laatste stond op Belgisch grondgebied. Ze bleven tot de zoon Leonel Arthur Ongenae, geboren in 1920, in 1945 huwde met Madeleine de Witte, geboren in 1920 en het hele bedrijf met café overnam. De molen is steeds meer in een mechanische maalderij overgegaan.
Omtrent 1900 woonde hier Dominicus Timmerman. Hij was ongehuwd en had tot huishoudster zijn nicht Irene Timmerman. Hij bleef hier tot 1917. Toen huwde deze nicht met Eduard Hofman en zij bleven op de hofstee tot 1935. Ze werden opgevolgd door Leonardus van de Voorde, geboren in 1862 te Wachtebeke in Belgie. gehuwd met Maria Hortense Baecke, geboren in 1871. In 1941 vertrokken deze van hier en na hen kwam er de zoon Joseph Ceryl van de Voorde, geboren in 1907 te Rilland-Bath, in 1941 gehuwd met Maria Josephina Henriette Aernoudts, geboren in 1915 te Sluis. Tot 1970 lag de hofstee op het grondgebied van Philippine, doch bij de herindeling van de gemeenten is ze bij het grondgebied van IJzendijke gevoegd dat onder de gemeente Oostburg kwam te vallen. Het huis heeft een bovengalerij wat op veel kamers op de verdieping wijst. Dit systeem is door Vlaamse bouwheren wel vaker toegepast. In de jachttijd konden dan op die verdieping de jagers verblijven. De schuren werden tijdens de oorlog in 1944 verwoest en zijn nadien herbouwd. Als bijzonderheid zij vermeld dat de eerste steen voor deze nieuwe gebouwen is gelegd door de drieling, die hier op 19 maart 1950 is geboren, namelijk Josephine, Joseph en Johan van de Voorde.
Deze hofstede werd in 1919 gesticht door Edumond Mullaert, geboren in 1884, in 1912 gehuwd met Alice Baecke, geboren in 1889. Voordien woonden deze op nr 117. Geleidelijk aan werd het bedrijf uitgebreid. De ruime landbouwschuur werd gebouwd in 1937. De vrouw is overleden in 1945, de man in 1948. Als opvolger is hier gebleven de zoon Prudent Leonardus Mullaert, geboren in 1913, in 1946 gehuwd met Irma Maria Louisa Buijsse, geboren in 1923.
Hier is in 1917 een hofsteedje gesticht door een zekere Jansen van Rozendaal op grond van de familie Lippens. Het werd bewoond door een kastelein, Izaak Boeije. en zijn vrouw Janna Smoor. In 1923 zijn hier gekomen Gijsbert Heijnsdijk en Janneke Balkenende. Deze zijn in 1942 vertrokken. Toen zijn gekomen Florimond Boone, geboren in 1896 te Axel en Maria Carolina de Bock, geboren in 1893 te Moerbeke in het Land van Waas. In 1935 is er een flinke schuur gebouwd. Na hen bleef hier vanaf 1960 de dochter Rachel Pharailde Boone, geboren in 1934, in 1960 getrouwd met Jan Smits, geboren in 1929 te 's-Heer Abtskerke op Zuid-Beveland.
Dit landbouwbedrijfje werd in 1914 gesticht door Gustaaf van Landschoot, geboren in 1862 en Amelie Dorothea Immezoete, geboren in 1866. Na hen kwam de zoon Petrus van Landschoot, geboren in 1893, in 1923 getrouwd met Augusta Louisa Aerssens, geboren in 1903. Zij bleven tot de zoon Aville Augustus van Landsçhoot, geboren in 1923, in 1952 huwde met Georgette Clara Mussche, geboren in 1927 te Boekhoute en het bedrijf overnam. De vrouw overleed in 1976.
Hier werd een 1andbouwbedrijfje gesticht met herberg door Alfons de Muur en Emma van Vooren, tegenover het stationsgebouw van de Zeeuws-VlaamseTramweg Maatschappij. Thans wordt het bewoond door Firmain Emiel Achiel Buijsse, geboren in 1930, in 1962 getrouwd met Hermina van den Hemel, geboren in 1933 te Groede. Zij beheren tevens hun hofstee in de Angelinapolder onder Biervliet daar dichtbij.
Het Blauwe Hof
Deze hofstede werd tijdens de Tiendaagse Veldtocht in 1831 in brand gestoken en op het bedrijf heeft toen een tijdlang niemand gewoond. De eigenaar, een zekere van Brussel uit Watervliet, heeft het land toen voor eigen rekening laten labeuren en de gewassen te velde verkocht. Hij had er ook een grote kudde schapen. De herder, Petrus Nortier. en zijn huishoudster, zijn daar in 1878 op gruwelijke wijze vermoord. Dan is als schaper daar gekomen Petrus de Smet en daarna Leo Mullaert, gehuwd met Sophia Bouts. Deze zijn ook gaan boeren op het hof. De vrouw is in 1903 overleden en de man is later hertrouwd met Mathilde van den Hemel. Zij zijn naar de kom van IJzendijke vertrokken, terwijl op de hofstede is gebleven Edumond Mullaert, geboren in 1884, gehuwd met Alice Baecke, geboren in 1889, uit Assenede. Tot dan toe was het ook een herberg. Hij heeft de hofstede die hij nog maar kort tevoren had gekocht weer van de hand gedaan aan Petrus Kremers, geboren in 1877 en Stefanie Scheire, geboren in 1880, die uit Sint-Jansteen hierheen zijn gekomen in 1919. Edumond Mullaert heeft een nieuw hof gesticht op de Pyramide (nr. 113). In 1919 is de schuur afgebrand en het jaar daarop de woning. Petrus Kremers is overleden in 1935. Na zijn dood bleven drie kinderen op de boerderij wonen: de dochter Coralie Kremers, geboren in 1909 te Sint-Jansteen, in 1939 getrouwd met Victor van der Meirsch, geboren in 1907 te Clifton, staat New York, U.S.A.; de zoon Uranus Kremers, geboren in 1918, in 1952 getrouwd met Jeanne Marie van Hecke, geboren in 1920 te Watervliet en de zoon Karel Kremers, geboren in 1912, die ongehuwd bleef. Ten behoeve van deze gezinnen werd het huis flink verbouwd en werd er een stuk aangebouwd.
GROTE ZUIDDIEPEPOLDER
De Pyramide
In 1912 heeft de weduwe Lippens hier een herberg met bij gebouwtjes gesticht, waarop de dochter Marie Lippens is gekomen, gehuwd met Petrus de Pré. Na het overlijden van de vrouw is de man hertrouwd met Maria de Smet. Ze zijn naar de Kapitale Dam onder Biervliet vertrokken. Het bedrijf werd overgenomen door Arthur Bracke en Clementine Quekeiberge, die het hebben gekocht. Later is erop gekomen de zoon Marcel Bracke, die het na de oorlog nieuw gebouwde huis met café en erf heeft verkocht, en naar Biervliet is getrokken. Daarna kwamen er als nieuwe eigenaars Rudi Robert Stephanie Termote, geboren in 1943 en Maria Elisa Augusta Haverbeke, geboren in 1945. Zij trouwden in 1970. Het café werd gesloten, het huis werd omgebouwd en er werd een hangaar neergezet.
In 1924 is hier door Johannes Bernardus Bracke, geboren in 1891 en in 1921 getrouwd met Sidonie Menue, geboren in 1893, een nieuw hofsteedje gebouwd. Zij hebben er gewoond tot 1944. Toen is de dochter Maria Bertha Bracke, geboren in 1924 en in 1944 getrouwd met Marcel Mathilde Maria Deveneijns, geboren in 1917, uit Watervliet, op het hofje gekomen. Het huis is intussen vernieuwd.
In 1776 is van hier vertrokken Cornelis van der Veere en is hier gekomen zijn zoon Cornelis van der Veere. Deze stierf in 1820. In 1821 is er gekomen Jannis Risseeuw in 1827 opgevolgd door Dirk Verplanke en Cornelia de Meijer. De man is in 1864 gestorven. In 1879 zijn er gekomen Cornelis Mattheus van der Hooft en Aaltje Verplanke. De man stierf in 1897. De hofstede is in 1898 verpacht aan Michiel van der Hooft en als zetboer is er toen opgekomen Simon van der Hooft, getrouwd met Adriana van Prooije. De man is in 1915 overleden. Toen is er van de hofstede veel land afgegaan en zijn alleen de gebouwen met wat weiland overgebleven. De vrouw is hertrouwd met Pieter Cornelis. Deze is in 1941 vertrokken naar Rozenoord in Sluis. Toen is erop gekomen Jacob van de Ree. Deze is in 1953 weer vertrokken naar Noord-Beveland. Daarna is dit hof verkocht en is er veertig gemet land aan toegevoegd. Sinds 1954 wonen er Robertus Petrus Stephanus Cortvriendt, geboren in 1909 uit Biervliet en Jacomina van Kruijssen, geboren in 1917 te Hoedekenskerke op Zuid-Beveland. De schuur is intussen flink vernieuwd.
In 1920 is hier door Bernardus Johannes Bracke, gehuwd met Geertruida Babijn. een kleine hofstee gebouwd. Zij hebben er gewoond tot 1922, toen het bedrijf werd gekocht door Stephanus Veraart, geboren in 1869 en Johanna Hellemons, geboren in 1873, beiden uit Steenbergen, die er toen zijn komen wonen. In 1938 zijn zij naar de kom van IJzendijke vertrokken en is op het hof gebleven de zoon Cornelis Veraart, geboren in 1916 te Steenbergen, in 1938 gehuwd met Bertha Maria Bracke, geboren in 1918. De schuur werd in 1944 door oorlogsgeweld vernield en rond 1950 herbouwd. Op hun beurt zijn zij in 1966 naar de kom van IJzendijke gegaan. Op het hof is toen gebleven de zoon Arnold Johannes Stephanus Veraart, geboren in 1939, in 1966 gehuwd met Maria Elza Eugéne de Smet, geboren in 1941 te Clinge.
Hier werd in 1870 een nieuwe hofstede gesticht door Gustaaf Antheunis. Deze is in 1877 naar de kom van IJzendijke gegaan en toen zijn erop gekomen Cornelis van der Hooft en Aaltje Verplanke. In 1880 kwamen hier uit Hontenisse Jan de Zwart en Adriana Lijbaart, die in 1884 naar Hoofdplaat zijn vertrokken. Toen zijn van Hoek gekomen Abraham de Kraker en Helena de Bruijne. Deze zijn vertrokken in 1892 en toen is het hof gekocht door Machiel van der Hooft, gehuwd met Maria Faas. Hun zoon Pieter van der Hooft, gehuwd met Adriana Leenhouts heeft het bekasteleind tot 1896 en heeft het bedrijf daarna overgenomen. In 1918 zijn ze vertrokken naar de Oranjepolder onder Biervliet (nr. 52) en is erop gekomen Abraham van der Slikke, geboren in 1884 te Poortvliet op Tholen, die in 1916 was gehuwd met Suzanna Hoste, geboren in 1889 te Groede. Deze zijn in 1950 vertrokken naar Sluis. Sindsdien ïs het bedrijf in handen van Leon Marcel de Dobbelaere, geboren in 1926, die in 1952 huwde met Irene Louise Dellaert, geboren in 1930. Zij hebbende hofstede en het woonhuis aanzienlijk verbeterd en vergroot.
In 1899 is hier door Emile Raes uit Biervliet, gehuwd met Amelia Sophia Verbeke. een hofsteedje gesticht, waarop zij hebben gewoond tot 1918. Zij zijn toen naar het hof Coxyde onder Zuidzande (nr. 25) vertrokken. Van NoordBeveland zijn toen hier gekomen Adriaan Mattheus Kunst, geboren in 1866 en Leuntje Geertruida van Dijke, geboren in 1865. De man is na zijn overlijden in 1944 opgevolgd door zijn zoon Marinus Dignus Kunst, geboren in 1901, die in 1925 gehuwd was met Catharina de Jonge, geboren in 1899. De schuur is na de oorlog vernieuwd.
Het Oude Westfort
In 1790 woonde hier bij het oude Westfort Izaak van der Linde. Deze stierf in 1802. De vrouw hertrouwde met Johannes de Meijer. Nadat de vrouw was gestorven, is de man hertrouwd met Sara Coussement. Na het overlijden van de man is de vrouw in 1830 hertrouwd met Jannis Leenhouts. In 1863 zijn hier gekomen de zoon Pieter Leenhouts en Maatje de Meijer. In 1885 zijn zij opgevolgd door hun zoon Pieter Leenhouts en Pieternella van der Hooft. De man is In 1890 gestorven, de vrouw in 1892 hertrouwd met Jacobus Reinier Brevet. Op 26 januari 1894 is de schuur afgebrand met alles erin, beestiaal, landbouwwerktuigen en de hele oogst. De vrouw overleed in 1909. In 1916 is Brevet naar Breskens vertrokken en is van Axel gekomen Henri Mussche, geboren te Zelzate in België in 1859, die gehuwd was met Justine Vervaet, geboren te Westdorpe in 1859. De man overleed in 1917 en de vrouw in 1925. Na hun dood bleven de kinderen Mussche op de boerderij totdat een zoon, Avila Joseph Mussche, geboren in 1902, trouwde met Elisa Benedicta Menue, geboren in 1905. In 1933 is de schuur wederom afgebrand. Thans woont er Wilfried Johannes Mussche, geboren in 1939, in 1963 gehuwd met Simonna Rosa Maria van de Wynckel, geboren in 1937 te Eede. Voor de oudste zoon Henri Jean Prudent Mussche, geboren in 1934, in 1959 gehuwd met Yolanda Maria de Taeye uit Eede, geboren in 1939, is op de resten van het Westfort een nieuwe bungalow gebouwd. waarbij een pluimveebedrijf is gesticht. Het Westfort, gebouwd na Maurits’ veldtocht in deze streek in 1604, diende ter verdediging van het Staatse gebied ten noorden van de Passageule tegen de Spanjaarden, die het gebied ten zuiden ervan in handen hadden. Van het fort zijn weinig resten meer overgebleven, alleen wat oneffenheden in het terrein en het draaiende verloop van de weg.
GROTE JONKVROUW BENOORDENPOLDER
Jonkvrouwhoeve
Hier is in 1864 een nieuwe hofstede gebouwd voor Izaak de Meijer en Sara Schippers, die met hun gezin in 1881 naar Amerika zijn geëmigreerd. Toen zijn erop gekomen Bruno Immesoete en Amelia Corné. In 1890 kwamen er Leo van Landschoot en Clementia Sinack, die In 1904 in de kom van IJzendijke zijn gaan wonen. Zij werden opgevolgd door hun zoon Leonardus Franciscus van Landschoot, geboren in 1878 en Elodie Marie Sturtewaegen, geboren in 1881 te Eede. Deze zijn in 1933 eveneens naar de kom van IJzendijke gaan wonen en op het hof is toen gebleven hun dochter Marcella Ivonne Marie Laurentia van Landschoot, geboren in 1909, in 1933 getrouwd met Cornelis Johannes van Tiggelen, geboren in 1904. In de oorlog werd op de hofstede veel beschadigd en daarna veel herbouwd. In 1961 zijn zij op hun beurt binnen IJzendijke gaan wonen om plaats te maken voor hun zoon Adrianus Leonardus van Tiggelen, geboren in 1936, in 1961 gehuwd met Agnes Theresia Louisa van den Hemel, geboren in 1938.
Deze hofstede is van 1860-1886 bewoond geweest door Izaak van Houte, de pruimenboer, die gehuwd was met de weduwe van der Linde. In 1886 is hier gekomen Alexander Roes uit Boekhoute, gehuwd met Louisa Perrels. In 1909 is er gebleven de zoon Edumond Raes, geboren in 1881, gehuwd met Emelie Virginie Roegiers, geboren in 1885. De vrouw overleed in 1946, de man in 1949. Sedert 1944 wonen er de zoon Clement Johan Raes, geboren in 1913 en Elodie Marie van den Hemel, geboren in 1912, die in 1944 zijn getrouwd. Na de oorlog werd een nieuwe schuur gebouwd.
De Komme
In 1874 is hier op de landerijen van de hofstede van Jannis Leenhouts (nr. 130) een nieuwe hofstede gebouwd en zijn hier in 1875 op komen wonen Jannis Leenhouts en Anna van der Hooft. In 1892 zijn er gekomen Willem Abraham de Blaeij en Sara Leenhouts, die in 1893 naar de Oranjepolder onder Biervliet (nr. 55) verhuisden. Toen zijn hier gekomen uit de Ameliapolder onder Biervliet Albertus de Maat en Suzanna Cornelia Meulblok, die in 1909 verhuisden naar Zuidzande (nr 25). Daarna zijn erop gekomen Camiel Franciscus Josephus Wijffels, geboren in 1884 en Louise Marie van Hijfte, geboren in 1890, die trouwden in 1911. Zij bleven tot 1950 en vertrokken toen naar de kom van IJzendijke. in hun plaats kwam de zoon Omer Petrus Paulus Wijffels, geboren in 1918, in 1950 getrouwd met Margriet Anna Maria van Waes, geboren te Westdorpe in 1918. De schuur is in 1944 door oorlogsgeweld verbrand en rond 1948 herbouwd. De dubbele serie ramen boven elkaar in de voorgevel van het huis doet denken aan het gebruik van het huis door de jagers in de jachttijd. Sommige Vlaamse eigenaars calculeerden dat in bij de bouw. Ze hadden dan appartementen voor zichzelf.
In 1922 is aan de Nolledijk een kleine hofstede gesticht door Jan Sinack en Maria Kneut. Zij hebben ze beboerd tot 1934. De zoon Paulus Josephus Sinack, geboren in 1900 trouwde in 1934 met Maria de Sij, geboren in 1907 en heeft het bedrijf toen overgenomen. Zij bleven tot 1968 toen ze naar de kom van IJzendijke vertrokken nadat hun zoon Johannes Raimondus Maria Sinack, geboren in 1945, in 1968 getrouwd met MargarethaJosephine Ingels, geboren in 1947, het bedrijf had overgenomen.
In 1919 is tegen de dijk op de Nolle de hofstede gebouwd van Camiel de Smet, komende uit Biervliet en Stephanie Doens. De vrouw is in 1929 overleden, de man in 1953. Het hof is toen overgegaan aan de zoon Raymond Leonard Theophiel de Smet, geboren in 1911, gehuwd met Clara Louise Maria Blondeel, geboren in 1913 te Sint Kruis, die vanaf hun huwelijk in 1935 eveneens op de boerderij waren blijven wonen. Zij zijn naar de kom van IJzendijke gaan wonen in 1968. Het huis is toen vernieuwd en op het hof is toen gekomen de dochter Nelly Henriette Clara de Smet, geboren in 1936, die in 1960 gehuwd was met Hubertus Clementinus Marie Joseph Thomaes, geboren in 1930.
In 1788 is hier overleden Jacob Hendriks en is zijn zoon Joost Hendriks, gehuwd met Elizabeth Schippers op het hof gebleven. De man is in 1798 gestorven, de vrouw hertrouwde met Izaak Leenhouts. De vrouw is in 1831 overleden, de man in 1838. Na zijn overlijden is tot 1873 de zoon Jannis Leenhouts op het hof gebleven. Na diens overlijden is de hofstede door de erfgenamen verdeeld. Op de oude hofstede is gekomen Izaak Leenhouts, gehuwd met Adriana Leenhouts. Beiden zijn in 1915 gestorven. Daarna zijn erop gekomen Willem Abraham de Blaeij en Sara Leenhouts, die de hofstede tot 1918 bekasteleïnd hebben. Dan is erop gekomen hun zoon Mattheus Abraham de Blaeij gehuwd met Maria Verplanke. In 1932 is de schuur afgebrand en weer opgebouwd, doch in 1944 door oorlogsgeweld weer afgebrand evenals het huis. De man is in 1955 overleden. Op het hof bleef de dochter Sara Johanria de Blaeij, geboren in 1922, in 1949 getrouwd met Abraham Levinus Salomé, geboren in 1922 te Zuidzande. De gebouwen op het hof zijn na de bevrijding omstreeks 1950 weer opgebouwd.
In 1776 is hier Pieter Lievens gestorven. Zijn vrouw is met Jan Wille hertrouwd. In 1802 zijn hier gekomen Jannis Leenhouts en Janna Hendriks, in 1816 Jacohus Bernardus Wijffels, gehuwd met Johanna Cornelia Cecilia Dierikx die in 1842 werden opgevolgd door de zoon Franciscus Josephus Wijffels, getrouwd met Anna Coleta Dossche. Daarna kwam Charles Louis Wijffels. in 1875 gehuwd met Sophia Octavia Wijffels. In dat jaar is de hofstede verdeeld. Charles Louis Wijffels is in 1916 overleden. Dan is er Gustaaf Buijsse van Biervliet gekomen. Daarna is in 1922 de hofstede verkocht aan Albericus de Dobbelaere. In 1923 is hier gekomen de zoon Henricus Désiré de Dobbelaere, geboren in 1898, in 1923 gehuwd met Celina Regina Buijsse, geboren in 1897. De man is in 1935 gestorven. In 1944 zijn de schuur en het huis verwoest ten gevolge van een geweldige ontploffing van oorlogstuig. Sinds 1959 wonen er de zoon Romain Ceryl de Dobbelaere, geboren in 1933 en Christiane Marie Govaert, geboren in 1935, die in 1959 zijn getrouwd, Voor de oudste zoon Robert Camiel Marie de Dobbelaere, geboren in 1930, die in 1956 was gehuwd met Marcella Alice Maria Buijck uit Eede, die samen met zijn broer Romain het bedrijf exploiteert, is een nieuw huis gebouwd.
Op deze kleine hofstede woonde in 1880 Petrus Landsheere. De man werd door de bliksem gedood. Na hem is gekomen Petrus Coppens uit Bassevelde en Maria Vonck en na deze Theophile de Smet en Leonie Doens. In 1911 is het hofje bewoond door August Verbeke uit Boekhoute en Romanie Goossens. Deze zijn in 1917 vertrokken naar hofstede nr. 96. Daarna hebben er nog gewoond August Goossens en Leonie Dierikx. In 1919 zijn erop gekomen Charles Louis Raes en Clara Plasschaert uit het Land van Hulst. Zij zijn naar Hulst teruggegaan in 1940 en opgevolgd door de zoon Joseph Raes, gehuwd met Blondina Blommaert, Deze zijn erop gebleven tot 1946. Het hofje is toen enkelejaren door een particulier bewoond geweest. In 1953 kwamen hier Willy Willemsen, geboren in 1927, in 1953 gehuwd met Martha Maria Rijckaert, geboren in 1931. De man is overleden in 1959. In 1970 zijn erop gekomen Gerrit Daniël Dekker, geboren in 1923 te Krabbendijke en Grietje Adama, geboren in 1934 te Dantumadeel in Friesland, woonachtig te Schoondijke, die in 1954 waren getrouwd. Ze bleven tot 1976 en vertrokken toen naar Groede. Het bedrijfje werd toen verkocht aan H.F.M. van de Pas, arts te IJzendijke. De gebouwen werden in 1978 gesloopt. Als agrarisch bedrijf heeft het afgedaan.
Hier hebben Charles Louis Raes en Sylvia Lecluijze rond 1910 een melkbedrijf gesticht. De man is in 1917 door een noodlottig ongeval bij een schietpartij door douanebeambten omgekomen. De weduwe heeft de zaak in 1925 overgedaan aan Petrus Franciscus Raes en Felicita Sophia van Quekelberge. In 1931 is de zaak overgegaan op Johannes Synesael en Leonie van Haele, die in 1935 het bedrijf weer hebben overgedaan aan Adriaan Baas en Josina van der Hooft. Sinds 1950 wonen er Albert Marie Ghislain van Waes, geboren in 1915 te Watervliet, in 1944 getrouwd met Oranda Edmonda Goossens, geboren in 1912. De bedrijfsgebouwen moesten in verband met verbetering en verbreding van wegen verdwijnen. Ze werden gesloopt. Even verderop in de wei is in 1977 een nieuw hof gebouwd op de resten van de vroegere fortificaties van de Jufferschans.
Hier werd in 1893 een herberg en melknering gesticht door Petrus van Hecke en Emelie Windey. Deze zijn in 1920 naar Gent vertrokken. Toen zijn er gekomen Eugene Dellaert en Caroline Haak, die er een boerderijtje van hebben gemaakt met kolenhandel. Na het overlijden van de man heeft de weduwe de zaak verlaten en is het bedrijf overgegaan op de zoon Johan Dellaert. gehuwd met Pauline Hamelijnck.
Op de landerijen van het hof van Jannis Leenhouts (nr. 130) is in 1874 nog een nieuwe hofstede gesticht waarop zijn komen wonen Pieter Leenhouts en Maria Provoost uit Hoofdplaat. In 1881 is het hof gekocht door een Belgische eigenaar en zijn erop gekomen Henri Josephus Sanders en Maria Theresia Lievens uit de Oranjepolder onder Biervliet nr. 50. De vrouw is in 1905 overleden, de man in 1907. De kinderen hebben het bedrijf voortgezet. In 1913 is het gekomen aan Hendricus Sanders en Clementia Boerjan. In 1920 zijn er gekomen Augustinus Jacobus Buijsse, geboren in 1893 en Maria Leonora Virginie Buijsse, geboren in 1897. die in 1920 waren getrouwd. Zij kwamen van de Platteschuur onder Biervliet (nr. 80). Deze zijn in 1958 naar de Jufferschans gegaan en op het hof zijn gebleven de zoon Robert Emiel Buijsse, geboren in 1933 en Agatha Alida Augusta Dellaert, geboren in 1934, die in 1958 waren getrouwd. In 1970 is de schuur afgebrand en door een nieuwe moderne schuur vervangen.
ZACHARIASPOLDER
Het Paradijs
Nadat deze polder in 1740 was bedijkt werd in 1742 het schorre tot zaailand aangelegd en werd in datzelfde jaar een hofstede gebouwd genaamd Het Paradijs. Deze is toen verpacht aan Pieter van Hoeve. Deze stierf in 1785 en toen is erop gekomen Nicolaas Dirkx. In 1806 is hier gekomen Franciscus Calon en in 1812 Anthonie Calon, gehuwd met Suzanna de Milliano. De man is in 1838 overleden, de weduwe is er gebleven tot 1858. De zoon Hendrik Calon is er gebleven tot 1875. In dat jaar zijn er gekomen Charles Calon en Amelia Calon. De vrouw is in 1876 overleden. De man is in datzelfde jaar hertrouwd met Maria Michielsen, weduwe van Charles Martens uit de Mauritspolder (nr. 44). In 1884 vertrokken deze naar de Ameliapolder onder Biervliet en toen zijn hier gekomen Johannes Josephus Haverbeke en Stephanie Clementia de Meijer, die in 1912 werden opgevolgd door hun zoon Petrus Haverbeke gehuwd met Maria Haverbeke. In 1919 is de hofstede verkocht aan Marcel van der Stallen uit Koewacht. In 1920 is hier gekomen de familie Clement van Waes-de Vleeschauwer uit het Land van Hulst Clement van Waes is in 1932 gestorven. De eigenaar van der Stallen kwam toen zelf op de hofstede wonen doch is in 1937 naar België vertrokken. Toen kwam er als zetbaas Jean van Waes, getrouwd met Stephanie Ververs. Nadat de eigenaar Marcel Felix Marie Josephus Augustinus van der Stallen, geboren in 1894 te Sint-Niklaas in België, in 1938 was getrouwd met Alina Joseph Alice van Waes, geboren in 1910 te Koewacht, is hij zelf weer de hofstede gaan beboeren.
Het woonhuis is het prototype boerenhuis uit het midden der 18de eeuw. Het is aan de voorkant vrij hoog opgebouwd met vensters waarin vrij kleine raampjes zitten. Terzijde is het WC-bijgebouwtje typerend voor iedere boerderij uit die tijd. Het toilet was altijd buiten het huis gelegen en soms. vooral ‘s nachts, een koude bedoening. De achterkant van het huis is door het langere achterdak ook lager dan de voorkant. Hier bevindt zich weer het achterhuis en een kelder met erop de voute.
Aan huis en bijgebouwen is op dit hof in de loop der tijden veel veranderd. De juiste bouw Is daardoor minder goed waar te nemen. De grote boom als windvanger uit het noordwesten is ook hier aanwezig. Er staat op dit hof nog een pracht van een oeroude dubbele keet, namelijk de bakkeet en eraan vastgebouwd de Vlaamse keet, die gescheiden zijn door een binnenmuur al is er hier nog een deur in die muur. Of dit laatste origineel is valt te betwijfelen. Gewoonlijk is die deur niet aanwezig.
In de bakkeet stond er een opklaptafel. Nadat het brooddeeg in de trog, die op schragen werd geplaatst, was gekneed, werd het al of niet in blikken vormen als toekomstig brood op die tafel gelegd om het te laten rijzen. Gedurende de rijstijd werd de oven, die naast de tafel in de muur uitmondde en daar een ijzeren sluitstuk had, met hout warm gestookt totdat hij heet genoeg was. Hoelang dit verwarmen duurde was een kwestie van aanvoelen van de bakster, de boerenvrouw of haar dochter of de dienstbode, maar geregeld wel dezelfde persoon.
Vervolgens werd de rest van het brandende hout met een ijzeren greep uit de oven gehaald en in de doofpot gedaan. Hieruit ontstond dan door afsluiting van de lucht de houtskool. Dan gingen de blikken deeg met behulp van een spade de oven in Het brood werd erin gebakken. Als naar gewoonte steekt de oven ook hier aan de achterkant uit de muur naar buiten en is overdekt met een pannendakje. Onder de oven is daar In het metselwerk een ruimte gelaten, die afgesloten is met een deurtje. Dit was toen een prachtplaats om hout te drogen. De houtskool uit de doofpot werd gebruikt om ‘s morgens de plattebuiskachel aan te maken of, zoals men toen zei: aan te steken. In de hoek van de bakkeet is nog een ingebouwde kachel aanwezig, die voor verschillende kookdoeleinden bestemd was.
In de meeste keten was op deze plaats een fornuis ingemetseld om veevoergraan te koken. De schoorsteen bevindt zich in de tussenmuur en dient om van deze kachel, evenals van de open haard in de aangrenzende Vlaamse keet, de rook af te voeren. In die Vlaamse keet verbleven een groot deel van het jaar de uit Vlaanderen afkomstige landarbeiders, die hierheen kwamen om mee te helpen bij het oogstwerk, te beginnen met het vlas trekken in juni tot na de bietencampagne omstreeks november. In Vlaanderen waren toentertijd veel grote gezinnen en heerste er grote werkloosheid. Deze mensen zochten en kregen hier volop werk. Ze waren op de meeste grote boerderijen in Vlaamse keten ondergebracht. Ook op dit hof is zo’n keet nog intact aanwezig, al is ze wel erg in verval. Het is een vierkant stenen gebouwtje. Tegen de binnenmuur is een open haard gemetseld met de reeds genoemde schoorsteen.
Er zijn dus op het hele gebouwtje twee schoorstenen aanwezig, een voor de bakoven en een in de gemeenschappelijke muur. Op de open haard werd gekookt, gedroogd en verwarmd. Men sliep op de houten zolder of op de vloer. Aan de toegang tot de boerderij is een nieuw huis gebouwd. Het oude boerenhuis staat nu leeg. De oude schuur brandde tijdens de bevrijdingsdagen in 1944 af en rond 1950 kwam er een nieuwe voor in de plaats. Geschiedkundig gezien is dit een heel interessante boerderij.
In het jaar 1919 is hier een nieuw hofsteedje gesticht op de landerijen uit de hofstede van Emile van Hijfte van hoeve nr. 43 door een zekere Scheele uit het Land van Axel en betrokken door Cornelis Riemens, geboren te Hoek in 1897, gehuwd met Janna Scheele, geboren te Zaamslag in 1900. Deze zijn vertrokken naar de kom van IJzendijke in 1946, toen hun dochter Neeltje Riemens, geboren in 1924 trouwde met Mattheus Willem Verplanke, geboren in 1918 en afkomstig van Biervliet, zoon van Willem Pieter Verplanke en Sara Verplanke. Zij zetten het boerenbedrijf voort terwijl een zoon van Cornelis Riemens, Jacobus Jan Riemens, geboren in 1927, een mechanisatiebedrijf op deze hofstee vestigde. Hij trouwde met Magdalena Sara Dhont, geboren in 1927. Ten behoeve van dit bedrijf werden uitgebreide mechanisatieloodsen gebouwd.
In 1911 heeft Petrus de Jaeger de hofstede Het Boerenverdriet (nr. 45) gekocht en op de bijbehorende grond bij Schorers graf een nieuw hof gebouwd. Daarop zijn dan gekomen de zoon Camiel de Jaeger en Alice Wijffels. In 1917 zijn hier gekomen Aloysius Josephus Dellaert, geboren in 1872 en Loulsa Maria Calon, geboren in 1874, die in 1930 zijn opgevolgd door hun zoon Camillus Petrus Dellaert, geboren in 1902, in 1930 gehuwd met Anna Maria Alma Baecke, geboren in 1907. Deze zijn in 1968 naar de kom van IJzendijke gaan wonen en op het hof is toen gebleven de dochter Olga Germaine Anna Dellaert, geboren in 1932, in 1953 getrouwd met Hubertus Joseph Buijsse, geboren in 1924.
Hier hebben in 1916 Abraham Provoost en Sara Brakman uit Schoondijke een hofsteedje gesticht. Later zijn erop gekomen de zoon Jacob Provoost gehuwd met Cornelia Roelse uit Hoofdplaat. Deze zijn vertrokken in 1950 naar Valburg in Gelderland. Toen is Abraham Provoost weer teruggekomen en gebleven tot 1954. Het hofje is dan verkocht aan Dirk Cornelis Scheele, geboren in 1926. in 1953 gehuwd met Helena Janna Quaak, geboren in 1931. Deze zijn hier gekomen in 1954. Toen ze in 1957 vertrokken naar hoeve nr. 7 zijn erop gekomen Karel de Koeljer, geboren in 1932 te Terneuzen en Catharina Janna Leenhouts, geboren in 1936 te Terneuzen, die in 1957 waren gehuwd. Vlakbij dit hof ligt een groot waterbekken, De Grote Put genaamd, een bekend en geliefd viswater.
Deze kleine hofstede is in 1955 gebouwd door Adriaan Geluk en Lena Verburg uit Tholen, die ze ook bewonen. Als landbouwbedrijf is ze niet meer van belang.
André Engelbertus Antheunis, geboren in 1911. die met zijn zuster Irma Sophia Antheunis, geboren in 1912, en gehuwd met Camiel Bernardus Waatjes, geboren in 1904, tezamen de ouderlijke hoeve (nr. 143) hadden bewoond, bouwden hier in 1961 niet ver van de ouderlijke hoeve een nieuwe boerderij en hebben er zich gevestigd. Ze bleven hier tot 1974 toen ze werden opgevolgd door de zoon van Irma Sophia Antheunis en Camiel Bernardus Waatjes, Omèr Victor Waatjes, geboren In 1933, die In 1963 was gehuwd met Elizabeth Emelina Theresia Maria Potters, geboren in 1934 te Wouw in Noord-Brabant. Oom en ouders zijn toen in de kom van Hoofdplaat gaan wonen.
In 1927 hebben Jannis Willem Leenhouts, geboren in 1886 en Suzanna Adriana Scheele, geboren in 1887 te Hoek, hier een hofstede gesticht, waarop zij zijn gaan wonen. De man is overleden in 1960, de vrouw is in 1965 naar Schoondijke vertrokken. Het bedrijf is toen overgegaan op de ongehuwde zoon Abraham Jan Leenhouts, geboren in 1920.
Van de oude boswachterswoning is door de heren Lippens, Belgische grondeigenaars, een hofsteedje gemaakt. waarop zijn gekomen Emanuel Antheunis, geboren in 1860, gehuwd met Maria Sophia Antheunis, geboren in 1871. De man is overleden in 1943, de vrouw in 1954. Zij werden opgevolgd door de ongehuwde zoon André Engelbertus Antheunis, geboren in 1911, waarbij later is komen inwonen Camiel Bernardus Waatjes, gehuwd met Irma Sophia Antheunis. In 1961 werd door hen langs dezelfde polderdijk een nieuwe boerderij gebouwd (nr. 141) waarheen ze verhuisden. In hun plaats kwamen Abraham Willem Verplanke, geboren in 1911 en Johanna Pieternella Leenhouts, geboren in 1914. Toen waaide de schuur, die een erg stijl dak had, in elkaar en werd afdoende herbouwd met beter materiaal. Zij vertrokken in 1974 naar Biervliet en hun plaats werd ingenomen door de zoon Marinus Willem Verplanke, geboren in 1942, die in 1966 was gehuwd met Johanna Helena Riemens, geboren in 1940. Intussen is er een nieuw huis gebouwd. De dijk langs deze hoeven heet vanouds de Bosdijk omdat de helling aan een zijde steeds een dichte beplanting heeft gekend met houtgewas.
Op dit boerderijtje heeft eerst Maria Sophia Antheunis, weduwe van Emanuel Antheunis gewoond en daarna Augustinus Vermeulen afkomstig uit het Land van Hulst. Deze is overleden in 1947. Het huis is daarna bewoond door Theophiel Vermeulen en Petrus Vermeulen. Het bedrijf is in 1959 opgeheven. Het huis is later verkocht aan particulieren.